Aanbevolen post

Mijn politieke programma op 1 A4-tje

Als Geert het kan, kan ik het ook, dacht ik, dus: Samenleven is het alternatief voor ieder-voor-zich-met-het-recht-van-de-sterkste-als-ge...

22 december 2010

vergelijking van elevator pitches

mijn voorstel
-aandacht vestigen op het pijnpunt, en dat
ferm uitvergroten

-wat je aanbiedt waarmee
je dat gaat oplossen


-geloofwaardigheid
creëren: hoe je dat ermee gaat doen, en wie je ermee geholpen hebt



-wat je van je toehoorder
wilt




-uitnodiging aan
toehoorder
Harvard Business School


5
1you

10


what
5
7

why

4
42goal
Gail
Geronimos:
10



How to start the conversation - articulate the really ugly
problem in the market.


7

How to tell the investor who you are.





Who are the customers.

8


What are the benefits.



68Call to action.
edo van santen


7

wie ben je,



10
wat zoek je,

10


wat doe je,
6



wie is je markt (=perfecte klant),





hoe bereik je je klanten,
10



welk gepercipieerd probleem los je op,


6

USP,


6

concurrentie,


6

team,


7

successen en


7

overwonnen mislukkingen,



10
nogmaals wat je zoekt,


6

financieën,


6

groeiscenario.
Inge Geerdens van
CV Warehouse.com





1. Wie ben ik en wat is mijn achtergrond?


6

2. Wat is mijn beroepservaring?
55


3. Welk project verdedig ik en welke zijn de voordelen ervan?


6

4. Wat hebben we met ons project al bereikt?



4
5. Wat zoek ik en waarom?
de
zaak.nl

6


1. Wat u doet,
3



2. Voor wie u dat doet
8



3. Welke behoefte van de klant u daarmee oplost

64

4. Welke resultaten uw dienst oplevert.

18 december 2010

elementen voor een elevator pitch

Daar werd mij gevraagd of ik een workshop kon organiseren om elevator pitches op te stellen. Dus maar s googlen om te zien welke elementen daarin naar voren moeten komen. Wat ik vond stelde me niet tevreden.

Een elevator pitch moet volgens mij aandacht trekken en de toehoorder over de streep trekken tot nader contact. Dus in hengelaarstermen: uitwerpen, aanslaan en binnenhalen.
En met een beroep op emoties; feitelijke informatie staat op de achtergrond.

Volgens mij zijn daarom elementen van een goede pitch:
  1. Aandacht vestigen op een -voor toehoorder- herkenbaar pijnpunt of brandend verlangen en dat ferm uitvergroten,
  2. wat je aanbiedt waarmee je dat gaat oplossen,
  3. geloofwaardigheid creëren en bevestigen:
    • hoe je dat doet,
    • wie je bent dat je dat kan,
    • wie je er al mee geholpen hebt,
  4. wat je van je toehoorder wilt,
  5. uitnodiging aan toehoorder.



Een snelle verkenning op google leert dat 'mijn' laatste 2 punten grotendeels worden veronachtzaamd:

HBS (Harvard Business School)
  • you
(Keep it short.
Hint: what you most want your listener to remember about you),
  • what
(Here is where you state your value phrased as key result or impact.
To organise your thoughts, it may help to think of this as your tag line.
Hint: this should allow the listener to understand how you or your company would add value.),
  • why
(Now it's time to show the unique benefits that you and /or your company bring to business.
Show what you do is different and better than others),
  • goal
(Describe your immediate goals.
Goals should be concrete, defined and realistic. Include a time frame.
This is the final step
and it should be readily apparent to the listener
what you are asking of him or her.)
  • How to start the conversation - articulate the really ugly problem in the market.
  • How to tell the investor who you are.
  • Who are the customers.
  • What are the benefits.
  • Call to action.
Volgens Inge Geerdens van CV Warehouse.com, die vorig jaar de publieksprijs voor de beste ‘elevator pitch’ won tijdens de European Venture Contest in Lissabon, bevat een goede elevator pitch 5 kernelementen:
  1. Wie ben ik en wat is mijn achtergrond?
  2. Wat is mijn beroepservaring?
  3. Welk project verdedig ik en welke zijn de voordelen ervan?
  4. Wat hebben we met ons project al bereikt?
  5. Wat zoek ik en waarom?

Zephyre cashback: kan ook copypasten of is gecopypast
een goede elevator pitch 5 kernelementen:
1.Wie ben ik en wat is mijn achtergrond?
2. Wat is mijn beroepservaring?
3. Welk project verdedig ik en welke zijn de voordelen ervan?
4. Wat hebben we met ons project al bereikt?
5. Wat zoek ik en waarom?
de zaak.nl
Door vier belangrijke elementen te verwerken in uw Elevator Pitch, vergroot u de kans dat uw gesprekspartner aan ú denkt als iemand uit zijn netwerk vraagt of hij iemand kent met uw specialisatie. Uw pitch levert dan nieuwe klanten op.
Wat zijn die vier elementen?
Uw antwoord op de vraag 'wat doet u?' moet in ieder geval duidelijk maken:

  1. Wat u doet,
  2. Voor wie u dat doet
  3. Welke behoefte van de klant u daarmee oplost
  4. Welke resultaten uw dienst oplevert.


Interessant: Edo van Santen
Presentatietechnieken
- spanningsboog: aandacht aan begin en aan eind van presentatie
- toehoorder onthoudt maar 2 a 3 dingen van de presentatie,
de kunst is om ervoor te zorgen
dat dat de dingen zijn die jij wilt dat ze onthouden
- effectiviteit:
7% verbaal (wat je zegt), 38% tonaliteit (hoe je t zegt); 55% non verbaal
- 3 soorten mensen: gericht op voelen 33%, zien 33% of horen 33%
Pitch zelf
-14 aspecten, daar moet je 3 à 4 uit kiezen:
wie ben je,
wat zoek je,
wat doe je,
wie is je markt (=perfecte klant),
hoe bereik je je klanten,
welk gepercipieerd probleem los je op,
USP,
concurrentie,
team,
successen en
overwonnen mislukkingen,
nogmaals wat je zoekt,
financieën,
groeiscenario
.

Ter overdenking:
visie, innovatief vermogen, marktkansen, continuïteit, marktwaarde (beide betekenissen), originaliteit

03 augustus 2010

bezuinigen voor Jip en Janneke

Mark Rutte wil bezuinigen. Dat wil de VVD altijd wel want ze vinden de staatsschuld altijd te hoog. En nu is de staatsschuld wel erg ver opgelopen.
Dat hebben de socialisten gedaan. Dat hebben ze altijd gedaan maar dit keer heeft minister Wouter Bos het gedaan om de banken te redden.

De banken moesten gered worden omdat ze op bijna al het geld van bijna alle mensen passen. Als de banken niet gered werden zouden alle mensen al hun geld kwijtraken. Want de banken hadden niet goed op het geld van de mensen gepast; ze hadden er domme dingen mee gedaan. Ze dachten dat ze met die domme dingen veel geld konden verdienen maar ze hebben er juist veel geld mee verloren.
En dat willen ze terug.

Minister Wouter Bos heeft ze dat gegeven. Eventjes maar: ze zouden het wel weer teruggeven. Maar nu zeggen ze dat ze dat niet meer terug kunnen geven. Het is te veel. Dus bleef minister Wouter Bos met de strop zitten: als hoge staatsschuld.

De VVD wil die staatsschuld wegbezuinigen.
Dat gaan ze doen met belastinggeld: het geld dat de mensen allemaal aan de regering moeten betalen.
Eigenlijk betalen we de regering allemaal om dingen te doen die we nuttig vinden: politie en soldaten om ons te beschermen, dijken bouwen, scholen voor de kinderen, oude en zieke en arme mensen verzorgen, enzovoorts.

Maar de VVD betaalt er de staatsschuld mee die ontstaan was omdat de banken domme dingen gedaan hadden met ons geld.
De VVD betaalt zo eigenlijk de domme banken met geld van ons allemaal. En de banken kunnen gewoon doorgaan met domme dingen doen met het geld dat we overhouden.

23 juni 2010

waarom is ons onderwijs niet corrupter?

Het onderwijs zoals het nu georganiseerd is staat of valt met de integriteit van de docenten. Voor hun is een applausje op de juiste plaats want is een wonder dat het überhaupt nog werkt. Hoezo?

Het is algemeen bekend dat een systeem stabiel is als erop werkende krachten in evenwicht gehouden worden door tegenkrachten.
Zo worden in de economie slecht presterende producenten door hun klanten afgestraft door ze links te laten liggen. Het uiteindelijke kwaliteitsoordeel wordt door klanten geveld.

Maar hoe zit dat in het onderwijs?
Leerlingen en studenten hebben weliswaar een kennisbehoefte maar die speelt pas in de verre toekomst. Zij spelen onmiskenbaar de rol van klant maar het kwaliteitsoordeel kunnen zij pas jaren later geven. Dat wordt dan ook niet van ze gevraagd. Het is een expliciete taak van docenten, die nota bene aan de productiekant staan in het onderwijsproces, om de kwaliteit te beoordelen: docenten bepalen de cijfers en delen diploma's uit.

In het onderwijsproces moeten leerlingen en studenten de grootste inspanning verrichten. Dat is wel een groot verschil met bijvoorbeeld de processen van de bakker of van de kapper. Maar vanwege hun uitgestelde kennisbehoefte zijn leerlingen en studenten van nature daarbij niet intrinsiek gemotiveerd. Het is aan de docenten om ze die motivatie bij te brengen.

Waarom zouden docenten dat allemaal doen?
Waarom zouden ze niet stelselmatig hoge cijfers geven? Het kost ze niets terwijl lage cijfers geven hun vooral chagrijn en extra werk bezorgt: als leerlingen zwak scoren blijven ze zitten en voor zwak presterende studenten moeten ze hertentamens maken en nakijken. De realiteit is echter dat die massaal komen, vaak in de zomer, en dan zit een docent ook liever op het strand.

Zonder een strikt nageleefd controlesysteem met toezichthouders en navenante straffen (en/of beloning!) zou men verwachten dat docenten er al gauw de brui aan zouden geven. Toch speelt dat allemaal niet een grote rol.

Kennelijk hebben docenten een sterk zelfreinigend vermogen. Of speelt er iets anders?
Zolang dat niet aan het licht komt verdienen docenten veel meer erkenning dan ze krijgen.

24 februari 2010

budgetdenken of waardedenken

Merkwaardig en onuitroeibaar verschijnsel toch: dat budgetdenken dat zich heeft vastgezet in overheden en ngo's.
Dat budgetdenken veroorzaakt enorme inefficienties. Een budget is hooguit een voorspelling van de toekomst en voorspellingen komen (bijna) nooit goed uit.

Dus wordt geld besteed aan zaken die we niet nodig hebben (budgetoverschotten die aan t eind van t jaar echt op moeten).
Of laat men mensen in de kou staan of erger (wachtlijsten) als er weer "bezuinigd" moet worden en er te krap gebudgetteerd is.

Het zal wel komen van de aloude roofridderpraktijken om de mensen in het het land zo veel belasting af te troggelen als ze kunnen dragen.
En dan de buit maar verdelen. (Zou het toeval zijn dat de woorden "buit" en "budget" eigenlijk best wel op elkaar lijken?)

Hedendaagse politici zouden dat toch van zich af moeten schudden.
Dat kan, dames en heren, door nu eens te redeneren vanuit te leveren waardes of te vervullen behoeftes, zoals in elk goed marketing- of bedrijfseconomisch boek beschreven wordt.

22 januari 2010

Voer ONDERWIJSDIENSTPLICHT in.

Ons onderwijsstelsel is gebaseerd op eeuwenoude tradities die tot stand gekomen zijn als aanpassing aan indertijd geldende omstandigheden. Het is maar de vraag of die omstandigheden nu nog gelden, en dus of ons onderwijsstelsel nog wel effectief is.

De technologie (zelf een product van grootschalige kennisuitwisseling) schrijdt nu zo snel en alomvattend voort dat de kennis die onderwzen wordt vaak al verouderd is voordat de studenten/leerlingen in de maatschappij komen.
Hun leraren hebben moeten voor hun kennis uit een nog dieper verleden putten. De kennisinhoudelijke basis blijft natuurlijk wel gelijk (zo snel verandert Duits niet, en voor een goed technisch inzicht zijn de wetten van Newton nog altijd onmisbaar). Maar methoden technieken om daar mee om te gaan evolueren wel snel.

Het idee van leraar als eerbiedwaardig beroep om levenslang uit te oefenen is daarmee achterhaald. Dat merken wij inderdaad aan bijvoorbeeld de erosie van hun status.

Hoe dan wel?
Kennis ontwikkelt zich heden ten dage niet meer exclusief aan universiteiten en (hoge)scholen maar in de maatschappij in de volle breedte. Wil je die kennis overdragen aan de nieuwe generaties zou je daar dus moeten putten.

Je zou als overheid bijvoorbeeld kunnen denken aan een soort van onderwijsdienstplicht. Iedereen met een werkervaring van, zeg, 15-20 jaar wordt verplicht om zijn/haar ervaring over te dragen.

Het woord "plicht" hoeven we daarbij niet als de jaren'50 autoritaire hierarchie op te vatten. We kunnen dat gerust een 21e eeuwse betekenis en inhoud geven:

Als we iedereen op zijn eigen manier een tijdje met jonge mensen in contact zouden brengen, met betrekking tot hun vak en onder onderwijskundige begeleiding?
Dan klinkt het ineens goed, lijkt mij, en wordt ook nog eens het wederzijds latente wantrouwen tussen de generaties weggenomen.

03 oktober 2009

intuition or ratio?

gevoel of verstand? of...?

check


tja, gevoel of verstand, waar moet je voor kiezen? In de sales lijkt me dat je er niet aan ontkomt om gevoel voor je klant te hebben. Je moet in ieder geval met haar meevoelen. Want ‘feelings zijn facts’. Ook als beslissingen snel genomen moeten worden is intuïtie, wat dat dan ook zijn moge, onontbeerlijk. Want ons onbewuste kan eindeloos veel meer informatie verwerken dan ons bewustzijn. Niet voor niets wordt meesterschap alom gelijkgesteld met onbewuste bekwaamheid.

Toch is het ook zo dat onze gevoelens ons voortdurend voor de gek houden. Onberedeneerbare angsten, redeloze woede, radeloos verdriet maar ook de roze bril en uitzinnige vreugde drijven ons geregeld tot daden waar we ons later voor schamen en waar we spijt van hebben (ook weer van die zinloze gevoelens).

Dus zoals @ingeborg al zei is het erg moeilijk om te bepalen of je verstand dan wel of je intuïtie het bij het rechte eind had. Ook al omdat principieel niet vast te stellen is wat er gebeurd zou zijn als je de andere beslissing genomen zou hebben.

Voor salesmensen zijn feelings facts, maar dat zijn in eerste instantie NIET HUN EIGEN gevoelens, maar die van hun klanten. Die moeten zij beslist aanvoelen, maar vervolgens kan het geen kwaad om daar verstandig afwegingen mee te maken.

Tenslotte is het zo dat je niet van de ene dag op de andere onbewust bekwaam bent. Daar gaat een heel leertraject aan vooraf waarbij het bewustzijn een onmisbare rol speelt. Een ervaren, i.e. onbewust bekwame salesman heeft zijn repertoire van kunstgrepen in zo’n leerproces opgebouwd.

‘Gisteren’ heb je zoals je zei ‘een fout’ gemaakt. Die kun je betreuren, maar het zou verstandiger zijn er over na te denken wat je beter had kunnen zeggen en hoe. Niet vanuit spijt dus, of schuld of van had-ik-maar, maar om je repertoire te verrijken voor een volgende keer. En als je t goed doet (@Frank Zijlstra en @Helene) hoef je je er niet per se onderuit te draaien maar kun je vast een manier vinden om nog eerlijk te blijven ook.

Al met al gaat het dus niet om gevoel OF verstand, maar om gevoel EN verstand.

20 mei 2009

de klanten van de banken

Wie zijn klanten? dat zijn toch (rechts)personen die tegen betaling goederen of diensten kopen?
Wat zijn de diensten die banken leveren waarvoor betaald wordt?
Niet het oppassen op spaargeld, want daar betalen de banken juist voor, rente. Zij verstrekken kredieten als koopwaar; daar laten zij zich voor betalen.

Gek genoeg zijn wij geneigd de spaarders als de klanten van banken te zien. Misschien ook wel omdat die in marketing- en reclamecampagnes zo infantiel benaderd worden als we gewend zijn voor zeepjes en maandverband enzo.
Klanten van banken zijn vooral bedrijven die geld nodig hebben. Maar die worden juist afgeknepen zoals we dat met leveranciers gewend zijn te doen.

Een doordenkertje.

06 april 2009

osmosecentrale

Er zijn plannen voor een osmosecentrale in de afsluitdijk.
Reken s mee.
De voornaamste bron van het IJsselmeer is de rivier de IJssel. Die heeft volgens RWS (bij Olst) een gemiddelde afvoer van 410 m3/s ofwel 410000kg/s.
Veel meer water kan er van het IJsselmeer niet worden afgetapt zonder het op den duur droog te leggen. 

Binas gaf, op basis van gegevens over toestand van Noordzee en IJsselmeer, een osmotische druk die ongeveer overeenkomt met 300m hoogteverschil!

Per seconde is m*g*h dan dus 410000*9,8*300Ws. Dat is dus 1.205.400.000Ws/s oftewel zo'n 1200MW.
Dat scheelt weer 1200 windturbines.

Bij gemiddelde landelijke bruto energieconsumptie van 5kw*17mln = 85 GW kan zo n osmosecentrale om en nabij  1,4% van NL energiebehoefte dekken ...

26 februari 2009

Ene (ex)-bisschop Williamson heeft gezegd dat er 'maar' een paar honderdduizend joden door de nazi's omgebracht zijn in plaats van zes miljoen. Daar heeft hij zich een hoop verontwaardiging op de hals gehaald. En hij laadt de verdenking op zich dat hij de nazi's vergoelijkt.

Niet zo slim.

Maar zijn de verontwaardigden wel zo slim dan?
Want wie even verder nadenkt in plaats van alleen maar op zijn onderbuik te reageren kan een paar opmerkelijke redeneringen vinden.

Stel dat Williamson een antisemiet is en dat hij zijn sympathie over de Holocaust wil uitdragen. Dan zou hij toch eerder voor het hoogste getal kiezen? Met 'maar' een paar honderdduizend vermoorde joden zouden de nazi's toch in hun opzet gefaald hebben?
Vergoelijkend? Of zou hij ze de rol van underdog hebben willen toeschuiven?

Of zouden de nazi's minder kwaadaardig geweest zijn als blijkt dat ze maar een tiende van het officieel erkende aantal moorden hebben gepleegd?

Kortom: hoe worden de nazi's er zo eigenlijk mee vergoelijkt?

Overigens lijken de Israeli's een dergelijke denkfout te maken, maar dan omgekeerd.
Op het nippertje ontkomen aan de moordpartijen door de 'übermenschen' van het 'herrenvolk' heeft het 'uitverkoren volk' (hoe zat het met de pot en de ketel?) het antisemitisme als grootst mogelijk kwaad uitgeroepen.
Wie met zijn belangen ongelukkigerwijs met hen in conflict komt kan al gauw een antisemiet genoemd worden. En mag dus verdelgd worden?

Kwaad met kwaad bestrijden?

Mensen, mensen, denk toch eens na! En laat de onderbuik maar doen waar die voor bedoeld is...

16 december 2008

money as debt

Paul Grignon, "Canadees artiest", heeft een film gemaakt waarin hij een heldere uiteenzetting geeft over de creatie van geld. In tijden waarin het globale geldsysteem op zijn grondvesten staat te schudden zal dat wel veel aandacht trekken.

Jammer echter van de utopische beeldvorming op het laatst. Er zijn ook andere oplossingen mogelijk met behoud van de bestaande structuren. D
oor 'gewoon', volgens de cradle-2-cradle-gedachte, het tempo van recycling op te voeren blijft economische groei mogelijk zonder uitputting van de planeet.

Kijk zelf en huiver in: "Money as debt"

20 november 2008

de angst voor het nieuwe

Wat maakt nou dat nieuwe ideeën zoveel problemen ondervinden om door te breken? Zelfs als het evident goede ideeën zijn?
Zolang het nog maar een idee is zijn er veel onzekerheden. En het is altijd een hoop werk om een idee te realiseren.
Maar het komt ook omdat iemand er zijn nek voor moet uitsteken.
Die gaat dan afwegen wat hzij er mee kan winnen of verliezen.

De meeste mensen hebben daaromtrent de volgende voorkeur (preferenties) in hun hoofd:

(preferentiediagram)
idee slaagt
idee mislukt
verantwoordelijk
1e
4e
niet verantwoordelijk
2e
3e

Of een idee slaagt of mislukt ligt vaak aan externe factoren. Maar verantwoordelijkheid kun je vaak kiezen. Dan kiest men toch vaak voor de toeschouwerrol. Men mist dan wel het genoegen van de eerste voorkeur, maar loopt niet het risico aangekeken te worden voor een mislukking.

23 oktober 2008

Het kapitalisme onder vuur

Het zijn zware tijden, en de internationale hebzucht ligt eraan ten grondslag. En daar wordt kapitalisme mee geassocieerd. Misschien terecht.

Het kapitalisme afschaffen dan maar? Dat betekent dan hebzucht afschaffen. Maar dat kan alleen maar als we mensen afschaffen. Of hun hebzucht onderdrukken.
(Beide mogelijkheden zijn al eens geprobeerd en hebben ook niet tot verbetering geleid, om het zo maar eens te zeggen.)
Wie wil er nog mee doen?

Wat schaffen we nog meer af als we kapitalisme afschaffen?
Kapitalisme gaat over economie; kapitalisme is een uitvloeisel van handel. Handel begint met ruilen. Mensen ruilen alleen maar (vrijwillig) als ze denken daar beter van te worden. Handel is dus, in grote lijnen, goed voor iedereen.

Wat de mensen denken is dus essentieel. Maar de vraag is of ze daar altijd gelijk in hebben. Soms is het goed om iets te krijgen wat men niet wil. Wie kinderen heeft weet dat precies; wie kind is, of is geweest ook vast nog wel.
Vrijhandel voorziet daar dus niet altijd in. Sex sells, hoop, angst ook, als het maar goed afloopt. Maar de realiteit is vaak anders dan wat we met ons allen denken of willen geloven. Dan ontspoort het systeem en moeten we weer even op de blaren zitten, en tot bezinning komen.
Dit soort 'correcties' hoort er dus bij, en als we het afschaffen hebben we daar geen last meer van. Toch?

Laten we het dan vervangen door een systeem dat wel op de realiteit is gebaseerd. Dan kan dit soort excessen voorkomen worden.
Wil degene die de realiteit kent NU opstaan!

14 juli 2008

ratrace

Er zijn meer dan 6.666.666.666 mensen, allemaal gezegend met een gezond verstand. En wat doen ze ermee?



"Mit der Dummheit kämpfen Götter selbst vergebens."
(Friedrich Schiller, "Die Jungfrau von Orleans", Talbot)

26 juni 2008

overdenksels waarvan ik nog niet goed weet wat ik er mee moet.

«Er zijn twee werelden aan het ontstaan, de oude en de nieuwe. In de nieuwe wereld gaan de mensen met elkaar om door gebruik te maken van de mogelijkheden die de moderne technolgie te bieden heeft.
In de oude wereld laat men die over zich heen komen of sluit men zich er zelfs van af.»

«Producten zoals we ze kennen zijn eigenlijk antwoorden op een vraag die nog niet gesteld is.
Al dan niet consentieus uitgewerkt zijn ze altijd gebaseerd op aannames van wat de klant zou kunnen gaan wensen.»

«Fabrikanten hebben het altijd als hun primaire taak gezien om producten de wereld in te sturen. De feedback over de waarde die deze hun klanten bieden zien ze feitelijk als van secundair belang. Als de producten verkocht zijn is het geld er immers aan verdiend.

Hun klanten hadden ook een ondergeschikte positie in de communicatie. Klachten zijn wel vervelend maar konden overschreeuwd worden door reclame. (Daarbij vinden we het overigens heel normaal dat perfectie en de hemel op aarde beloofd wordt, feitelijk brutale leugens die we gewoon voor lief zijn gaan nemen.)
Heden ten dage staan klagers echter middelen als Youtube, hateblogs etc. ter beschikking waarop klanten hun zegje kunnen doen. Klachten over incidentele missers kunnen buitenproportioneel opgeblazen worden.

Een bedreiging voor fabrikanten?
Het is maar hoe die het bekijken.
Ze zijn weliswaar hun machtspositie in de communicatie verloren.
Maar je kunt het ook zo zien dat de feedbackloop gesloten wordt, voor het eerst sinds het begin van de Industriële Revolutie. Eindelijk bestaat de mogelijkheid om de waarde van de uiteindelijk door hen bedachte producten daadwerkelijk af te stemmen op de wens van hun klanten.»

«Als je je met crowdsourcing bezig houdt stuit je op de werkvelden:
1:Sociale interacties (Wie praat met wie? Wie kan je waarmee helpen? Hoe controleer je deugdelijkheid en betrouwbaarheid?),
2:inhoudelijke (ontologische) verbanden (waar gaat het over? Hoe relateren die onderwerpen zich onderling? Hoe komen vragen en antwoorden bij elkaar?),
3:technologie (hoe vertaal je ideeën, ervaringen, denkbeelden in bits, zodat computers er hun weg in kunnen vinden? AI, semantisch web, indexering, track&trace, metadata, zoekalgoritmes?)»

26 mei 2008

kromme logica blijft de Puttense moordzaak achtervolgen:

Twee mannen zijn door getuigen aangewezen als dader.
Alhoewel (Peter R. de Vries:) "...uit onderzoek blijkt dat er geen enkel spoor van de mannen in en om het huis is aangetroffen.
[Dit spreekt logischerwijs de verdachten echter niet vrij.]
Dan komt de langverwachte uitslag van DNA-onderzoek op de spermadruppel. En ook die blijkt onomstotelijk niet afkomstig van de verdachten.
[Ook dit spreekt logischerwijs de verdachten niet vrij.]
En in plaats van de mannen direct op vrije voeten te stellen, komt de politie met een bizarre verklaring: Het sperma zou afkomstig zijn van een veel eerder vrijwillig seksueel contact van Christel, een vriendje dus. Zijn sperma zou langdurig in Christels lichaam zijn gebleven en uiteindelijk na het fietstochtje naar haar oma's huisje door Wilco en Herman tijdens de verkrachting naar buiten zijn gesleept en als een druppel op haar been zijn achtergebleven.
[(Is het alleen daar gevonden, en niet in haar buik? Hoe zit het dan überhaupt met een sleeptheorie?)]
De moordenaars zouden dan zelf geen zaadlozing hebben gehad. Het vermeende vriendje wordt nooit gevonden."

Nu is het "vriendje" toch nog gevonden. Is hij daarmee dan ook maar de moordenaar?
Alleen de identiteit van het "vriendje" is toch op zich geen bewijsmateriaal?

Men heeft het volgende scenario voor ogen:
Degene die de druppel heeft achter gelaten heeft seks met Christel gehad. (O ja? Er zijn wel alternatieven te verzinnen; ik ben benieuwd naar jullie reacties...)
Degene die seks met haar heeft gehad heeft haar verkracht. (O ja?)
Degene die haar heeft verkracht heeft haar vermoord. (O ja?)

Het is 'maar' één scenario, en één met al drie ontsnappingsmogelijkheden. Toch wordt nu zonder meer gesuggerereerd dat degene die de druppel heeft achtergelaten ook maar gelijk de moordenaar is.

Christel is dood, de werkelijke dader moet achter de tralies. Maar het bewijs komt niet rond zonder aanvullende gegevens dan die uit het "volledige dossier" van Peter R.de Vries.
De hele zaak bevat inmiddels alle opwindende en spectaculaire elementen van een dorpsklucht. Het meest verontrustend is echter dat magistratuur noch media blijk geven van nuchter en gezond verstand.

13 mei 2008

wiki's en meningen

"Een wiki is een applicatie of (web)toepassing, waarmee webdocumenten gezamenlijk kunnen worden bewerkt." Het idee is dat meerdere mensen aanwijzingen hebben over het onderwerp van zo'n document. Die brengen ze daar dan in samen.

Zolang het daarbij gaat over feitelijke zaken heeft dat kans van slagen. 'Een olifant is immers een olifant en niet een eend'. Natuurlijk zullen er allerlei misverstanden over bestaan en uit de weg geruimd moeten worden. Maar uiteindelijk komt een steeds vollediger beeld van die 'olifant' tot stand.
Alle aanwijzingen bevatten een kern van waarheid en centreren zich daarom rond een zeker gemiddelde.

Anders wordt het wanneer men gezamelijk een mening in een wiki wil vormgeven.
Meningen kunnen alle kanten opgaan; zij zijn een kwestie van smaak en onderhevig aan allerlei emoties. Zij centreren zich dus niet (altijd) rond een gemiddelde.
Over 'grenzen' bijvoorbeeld kunnen we de mening hebben dat ze 'gesloten moeten zijn', maar net zo goed dat ze 'geopend moeten zijn'. En allerlei nuances daar tussenin.
Waar meningen uiteenlopen kan een wiki dus eigenlijk alleen maar uitmonden in eindeloze discussies.

In het geval men toch in een wiki samen wil werken aan meningsvorming moet het uitgangspunt omgevormd worden naar een feitelijkheid.
In het voorbeeld zou samengewerkt kunnen worden aan 'de invloed van open resp. gesloten grenzen'.
Of men zou kunnen inventariseren wie welke mening is toegedaan. Of welke factoren daartoe aanleiding geven.
Zijnsoordelen dus, geen waardeoordelen.

Interactieve (internet)-instrumenten kunnen echter wel degelijk een rol spelen om tot waardeoordelen te komen. Zij zijn bij uitstek geschikt om meningen te peilen.
Het gaat echter meer om het (kwantitatieve) draagvlak dan om de (kwalitatieve) formulering er van.

20 april 2008

als de dollar valt

is de pakkende titel van een boekje van Willem Middelkoop. Hij zet er de lezer meteen mee op een verkeerd been, want het gaat niet over de gevolgen van een dollarcrash.
Wel geeft hij aan dat het op de dollar gebaseerde monetaire systeem op drijfzand gebouwd is. Daarbij wijst hij naar het Amerikaanse bankwezen dat de geldpers gebruikt om zichzelf te verrijken. Nogal complotterig, ook gezien de ondertitel: Wat Bankiers En Politici U Niet Vertellen Over Geld En De Kredietcrisis.
Hij lijkt terugkeer naar de Gouden Standaard als een verbetering te zien (zij het niet als oplossing voor de aankomende rampspoed).

Waar hij echter geen aandacht aan besteedt is de Waarde waarvoor al die dollars een tegenwaarde vormen.
Olie, Chinese producten &c. zijn allemaal betaald met papieren dollars. Die vertegenwoordigen dus (ooit geleverde) Waarde waarvoor OPEC en Chinezen (en verder iedereen die dollars heeft) in Amerika inkopen kunnen gaan doen. Alleen als de dollar valt zitten zij met papier terwijl de Amerikanen van hun olie en andere importproducten genoten hebben.
Waarom laten de Amerikanen dan niet hun dollar kelderen? Dan hebben ze toch de buit binnen?
Maar ze zouden zich daarmee in eigen vlees snijden. Ze zijn inmiddels volstrekt afhankelijk van import en die zou dan peperduur worden. Het is dus een kwestie van wederzijdse afhankelijkheid.

Dat ze zich verslikt hebben door op te grote voet te leven is een ander verhaal. Ze hebben immense schulden in de wereld. De wereld heeft dat toegestaan. Waarom? Omdat ze erop vertrouwen dat de Amerikanen die schulden wel weer zullen aflossen. En ja, dat duurt zolang als het duurt. (En het heeft inmiddels, 15-12-2009, geduurd zolang als het geduurd heeft.)

Herinvoering van de Gouden Standaard lijkt van Middelkoop een verbetering. In dat geval zou 150.000.000 kg goud de -nagenoeg vaste- tegenwaarde vormen van alle waarde of vermogen in de wereld. Voor het goede begrip: dat is nu ongeveer 25g per wereldbewoner. Maar er komen steeds meer mensen bij, dus is er steeds minder goud per persoon beschikbaar. Bovendien produceren alle hardwerkende mensen voortdurend meer waarde. Goud wordt dan dus steeds meer waard. Het omgekeerde van inflatie: deflatie.

Men wordt dus schijnbaar rijker alleen maar door zijn goud vast te houden. Goed nieuws, toch, of niet?
Het ontmoedigt echter de economische activiteit...
Men ruilt zijn goudkorreltje nu nog niet in, maar wacht nog even. Morgen kun je er meer voor krijgen. Waarmee de leverancier met zijn waren blijft zitten. En dus ook maar ophoudt met produceren.
In welke zin is dat een verbetering? Waar is dat een oplossing voor?

16 april 2008

productie en reproductie

Van (niet eens zo) oudsher komen nieuwe producten als volgt tot stand.

Een heldere geest verzint een oplossing voor een prangend probleem: een uitvinding. Vervolgens wordt 'een fabriek gebouwd' om die uitvinding te reproduceren. Productie als reproductie.

Fabrieken bouwen is een zaak van groot geld. Dat doe je dus niet zo maar; daarvoor stapt zo'n uitvinder naar een bedrijf.

In eerste instantie werden die fabrieken voor de eeuwigheid gebouwd. Later bleek echter dat producten niet eeuwig meegaan. Zij hebben een 'product life cycle': PLC.
Bedrijven konden voor hun voortbestaan niet wachten tot er weer een uitvinder aanklopte; zij gingen dus uitvinders -ontwerpers- in dienst nemen.
Exit privé-uitvinder want die kon het niet langer opnemen tegen de professionals. Probeer vandaag de dag nog maar eens een uitvinding op de markt te brengen.

Zo ontstond een klimaat dat de ontwikkeling van de technologie bevorderde. De PLC's werden er echter steeds korter mee. Met als gevolg dat de (re)productie-aantallen afnamen. Om dat allemaal winstgevend te houden werden daar de ontwikkelingen op gericht. Met succes.

De ondergrens voor (re)productie-aantallen is 1, stuksproductie. En die beginnen we hier en daar al aardig te benaderen. Misschien nog zozeer niet bij materiële producten, daarvoor zou het vaak zijn doel voorbijschieten. Maar wel degelijk bij diensten en virtuele producten.

Het is natuurlijk niet lonend om technologen en ontwikkelaars al die stuksproducten vorm te laten geven. Dat doen de klanten zelf. De technologie is zodanig in ontwikkeling dat ze daar de mogelijkheid toe krijgen. 'Life hackers' en andere pioniers zijn volop bezig die nieuwe wereld te verkennen.

Het lijntje door trekkend praten we niet meer over top-down re-productie van ideeën van geniale enkelingen. Maar van bottom-up oplossingen waarbij het onuitputtelijke reservoir aan wisdom-of-crowds benut wordt. Let's be creative!

09 april 2008

commentaar op Andrew Keen

check 'The Cult of the Amateur'
Als we praten over cultuur gaat het er niet alleen om wat 'waar' ís maar wat ook we met ons allen 'waar' vínden. Idealiter liggen die twee waarheden natuurlijk wel zo dicht mogelijk bij elkaar. Want anders houden we onszelf voor de gek.

Met de oude media konden we dat niet goed beoordelen omdat we maar een paar meningen en visies te zien kregen. Onvermijdelijk, zelfs als de media het oprecht objectief wilden behandelen; zij weten ook niet alles.
Nu komt de informatie van alle kanten, in een overvloed, en ongetwijfeld in een lage kwaliteit. Maar uit die middelmatigheid komt na verloop van tijd wel de beste benadering van wat 'waar' is bovendobberen.

Dat is wat mij betreft het goede nieuws. Maar er zijn ook zwarte scenario's mogelijk.
Web 2.0 is namelijk, zo bezien, niet zozeer democratisch als wel het op elkaar loslaten van vrije krachten. Van welke mening of visie dan ook. De survival of the fittest van ideeën.
Maar wat het resultaat van dat gevecht is zullen we wél moeten accepteren, ongeacht of we dat, democratisch, willen of niet. En er is geen weg terug want we zijn allang afhankelijk van internet.
En hoe kunnen we de richting waarin internet zich ontwikkelt is nog beïnvloeden?

Gelukkig zijn, denk ik, de dominante krachten niet gericht op oorlog en macht en andere vuiligheid. Want de 'vrije krachten' worden uitgeoefend door mensen en de meeste mensen streven naar vrede, liefde, geluk &c.

06 april 2008

ideeën en bits

Computers werken met bits: enen en nullen. Als computers met elkaar communiceren (bijvoorbeeld via internet) wisselen zij bits uit.
Mensen denken in ideeën. Als zij met elkaar communiceren wisselen zij ideeën uit.

Dat is een wezenlijk verschil. Als we willen dat mensen en computers werkelijk met elkaar kunnen communiceren moet dat verschil overkomen worden.

Anatoli Rapoport verduidelijkt dat aan de hand van een raadspelletje. Stel: 'ik' neem een woord in gedachten en 'jullie' moeten dat raden. Je mag er vragen over stellen.

Dan kun je daar op in gaan door alle letters van het alfabet af te lopen. Dit is wat je een computer zou kunnen laten doen. Iets preciezer: volgens de regels van de informatica.
Maar stel nu dat 'ik' nu niet een 'woord' in gedachten neem maar een 'idee'. Ideeën zijn veel vager en kunnen vaak niet eens in woorden gevat worden.
Hoe zou je daar nu naar kunnen raden?
Je kunt contextuele vragen stellen waarmee je het vraagstuk steeds verder inkadert. 'Gaat het over mensen, of over dieren, planten, dingen?' &c. Bij elke volgende vraag moet je dan weer een nieuwe context voor ogen te halen. Daar zijn mensen gelukkig vindingrijk genoeg voor.

Punt is dat er echter geen systematische manier is om alle mogelijke ideeën af te lopen, zoals bij de letters van het alfabet.
Waar computers met "eindige reeksen" van mogelijke oplossingen werken (uiteindelijk terug te voeren tot bit-reeksen) is het aantal mogelijke ideeën die mensen kunnen hebben bovendien praktisch onbeperkt.


Willen we computers (of internet) met mensen ideeën laten uitwisselen moeten we ze iets speciaals laten doen.

Een eerste stap is het maken van woordenlijsten en lijsten van locaties waar die woorden aangetroffen zijn. Dat is wat zoekmachines doen.
Maar met woorden hebben we nog geen ideeën. Als je iets te weten wil komen waar je de naam niet van kent kom je er niet mee.

Een tweede stap is dan het 'taggen', of labelen. Iemand heeft een associatie gemaakt en die vastgelegd in een tag. Daarmee is een context gevormd waarbinnen men kan zoeken. Dat kan ook een abstracte of onbewust aangelegde tag zijn. Bijvoorbeeld de extra opties waarop je gewezen wordt bij Amazon.com: 'other customers also bought this..'.

Een derde stap is daarnaast ook de aard van de relatie vast te leggen: onderwerp1, relatie, onderwerp2. We zitten dan heel dicht tegen elementaire zinnetjes aan als 'man bijt hond'. Ofwel volgens de structuur van het van de basisschool vast nog wel bekende onderwerp-gezegde-lijdend voorwerp.
Dit is de basis van de RDF standaard van het W3C, het "World Wide Web Consortium", en de elementaire bouwsteen van het 'semantische web'.

Het 'semantisch web' kan niet op eigen gelegenheid relevante (=in context geplaatste) informatie leveren. Maar het onthoudt de associaties/ relaties/ contexten die ooit door mensen zijn gelegd. Daarmee worden creatieve capaciteiten van de mensen en de geheugencapaciteiten van computers met elkaar verenigd.

23 maart 2008

The age of Aquarius?

Met een nieuwe eeuw staan we ook voor de opkomst van een nieuw tijdperk. Een nieuw tijdperk waarin we ons leven anders gaan inrichten. De redding misschien van wereldproblemen als klimaatverandering, uitputting van grondstoffen, overbevolking &c.

Bij het begin beginnen: voor de industriele revolutie in de 19e eeuw was de invloed van de techniek marginaal. Productie was grotendeels gebaseerd op huisvlijt. De molenaar woonde op zijn molen, de schipper op zijn schip, de smid bij de smederij, &c. Het was geen vetpot; leven was vooral overleven, zoals het altijd geweest was.

Textiel werd ook thuis vervaardigd en door reizende handelaars verspreid. Maar met de uitvinding van spin- en weefmachines veranderde dat radicaal. Het waren grote machines die de productie overnamen van de huisvlijt, en tegen sterk gereduceerde kosten. Spinners en wevers moesten dus hun huis uit en in de fabriek aan het werk.

Na de textiel kwamen ook andere sektoren aan de beurt. 'Fabrieken' die eerst niet bestonden, werden de norm voor productie van goederen. Mensen, 'arbeiders', moesten dus 'naar hun werk'.
Deze productiewijze was bijzonder succesvol. Nog steeds wordt de economie gedragen door bedrijven die in de kern van de zaak georganiseerd zijn als de inmiddels aloude fabriek.

We zijn haast vergeten dat deze samenlevingsvorm gebaseerd is op een aanpassing die nodig was voor een beperking van de techniek. Fabrieken werden gebouwd rondom machines waar de mensen naar toe moesten om ze te bedienen. Andersom is niet eens denkbaar.

De 20e eeuw, die toen aanbrak, kreeg daardoor zijn karakteristieke aanzien. Techniek was een dominante factor in de economie.
En de mensen moesten zich aan de techniek aanpassen:
- De T-Ford kwam alleen uit in het zwart, Volkswagen had alleen de Kever, one size fits all. Mensen moesten zich er maar mee redden.
- Nog niet eens zolang geleden (maar nog wel in de 20e eeuw) had ik een collega die internationaal contacten moest onderhouden. Daarom zat hij van 07:00 tot ca. 20:00 naast de telefoon, noodgedwongen op kantoor. Als die niet overging had hij eigenlijk niets te doen (en daar hadden wij dan last van).
-En welbeschouwd is ook het fileprobleem het gevolg van een beperking van de techniek.

bron: http://us.st11.yimg.com/us.st.yimg.com/I/paulgraham_2002_8609563

Maar de techniek ontwikkelt zich. Steeds meer beperkingen werden opgeheven en het werd mogelijk om aan de behoeften van de mensen tegemoet te komen. Met GSM en GPS zijn heel veel taken ineens plaatsonafhankelijk geworden. En met internet is bijna alle informatie ter wereld onder handbereik.

Waar in de 20e eeuw de mensen onder het juk leefden van de techniek worden de rollen nu omgedraaid.
In plaats van 'one size fits all' worden mensen in staat gesteld hun eigen oplossingen te creëren.

We staan aan de vooravond van deze ontwikkelingen en we moeten nog erg veel leren. Maar waar kan het anders toe leiden dan naar een wereld waarin creativiteit en zelfverwezenlijking zich in alle vrijheid en diversiteit kunnen ontplooien?

15 maart 2008

crowdsourcing

Men kan samenwerken ofwel door 'krachten te bundelen' dan wel door 'kennis uit te wisselen'.

Krachten bundelen
Krachten bundelen is de gangbare manier van samenwerken.
Als iedereen maar zijn eigen kant op trekt of duwt gebeurt er niets. Onze gezamenlijke kracht is dan nul. Voor het bundelen van krachten is het dus handig als die in één richting gebracht worden. Dit is de manier van samenwerken die we van oudsher gewend zijn: "alle neuzen in dezelfde richting laten wijzen". Eenheid door uniformiteit.

Het heeft huzarenstukjes opgeleverd als de piramiden, de chinese muur, kathedralen, de Afsluitdijk en de Deltawerken en zo meer.
Het gaat samen met de 'economies of scale'. Het is het dominante principe geworden om ons te organiseren. Zo dominant dat we uit het oog kunnen verliezen dat er alternatieven bestaan.

Kennis uitwisselen
Maar voor het bundelen van kennis ligt het anders. Velen weten meer dan één. Behalve als iedereen hetzelfde weet. Iedereen heeft anders namelijk wel een beetje informatie. Als we al die beetjes bij elkaar brengen dan is onze gezamenlijke kennis toegenomen. Eenheid door verscheidenheid.

Zelfs als iedereen zich vergist blijft dat opgaan! Want voor iedere vergissing de ene kant op staat dan wel iemand met een tegengestelde vergissing. Als we die uitmiddelen komt de correcte informatie bovendrijven (James Surowiecki, The Wisdom Of Crowds).
Heel logisch, maar het lijkt wel een wonder.

Kennis
Maar er schuilen wel een paar addertjes onder het gras... Ten eerst heeft kennis heel aparte kenmerken.
Het is duidelijk dat het wat te maken heeft met data en informatie. En de geleerden zijn het er wel over eens dat die in een hierarchisch verband staan.

Data, gegevens, prikkels is wat op ons afkomt, door de zintuigen wordt opgemerkt en ergens in het brein terecht komt. Het komt ongevraagd.
Maar als het wel ergens een oplossing voor is, als het een antwoord op een gestelde vraag is, kun je het beschouwen als 'informatie' (omschrijving volgens Eliyahu Goldratt).
'Kennis' zou dan dát zijn wat het vermogen levert om een vraag te stellen, of een probleem op te werpen. (*) Zodat we data kunnen schiften en ordenen dat we er informatie van kunnen maken.
Zeker is is dat mensen dat vermogen bezitten.

problemen op te lossen
Kennis uitwisselen doet men vaak om 'problemen op te lossen'. Grote problemen, kleine problemen, routineproblemen, hoofdpijnproblemen, en ga zo maar door.

Problemen kunnen zich voordoen als 'gesloten' en als 'open' problemen.

Gesloten problemen
Gesloten problemen hebben 1 oplossing.
Het zijn problemen van de soort: "de auto/ computer/ installatie doet het niet. Wat is er mis?" Het vervangen of repareren van 1 onderdeel is dan vaak voldoende. De vraag is alleen welk onderdeel.

Vaak is die oplossing bekend al weet men niet altijd wie hem kent of waar die te vinden is.
Soms is er niet iemand aan te wijzen die de oplossing kent. Toch is het mogelijk dat we er gezamenlijk genoeg over weten om tot een verbluffend nauwkeurige oplossing te komen.

Om zo'n gesloten probleem opgelost te krijgen zul je eerst moeten weten welke issues er bij spelen.

Open problemen
Open problemen daarentegen kennen een groot of zelfs onbeperkt aantal oplossingen. Je kunt dan, heel creatief, zelf een oplossing verzinnen. Maar heeft zo'n probleem zich vaker voorgedaan dan zullen er vaak al veel (onafhankelijke) oplossingen voor gevonden zijn. Het zoeken naar een oplossing (laat staan de beste) kan dan een hele klus worden.
In het kader van samenwerken is het dan zaak iemand te vinden die eerder met dat bijltje gehakt heeft.

07 maart 2008

theory of constraints in de netwerkeconomie

Eliyahu Goldratt beschrijft in "The Goal" (1986) zijn theory of constraints: dat processen bottlenecks hebben waaraan prioriteit gegeven zou moeten worden.
Als ik Allen (David Allen, Getting Things Done, 2001) goed begrijp helpt hij bepalen hoe netwerkers in de netwerkeconomie prioriteit aan processen kunnen toekennen waarvan ze zelf de bottleneck zijn.

Martijn Aslander vroeg mij laatst: "zou je kunnen zeggen dat wat Het Doel is voor procesoptimalisatie is in bedrijven, GTD kan doen voor individueen? En dat GTD een eigentijdse versie vormt van Het Doel, maar dan toegespitst op de informatie- en netwerksamenleving?"

Goldratt ziet processen als deelprocessen in serie. Zijn 'doel' is het optimaliseren van het hoofdproces dat hij ziet als een keten van deelprocessen. Omdat een ketting zo sterk is als de zwakste schakel dringt hij er op aan de zwakste schakel te identificeren en die te versterken.
Allen ziet dan processen parallel die door de bottleneck van de netwerkers geperst worden. In de metafoor blijvend, gaat hij juist uit van individuele schakels, waaraan meerdere ketens verbonden zijn. Hij maakt zich minder druk over de ketens maar geeft aan hoe een schakel te versterken.

02 maart 2008

de Franse slag

Een wintersportoord in Frankrijk is natuurlijk geen plek waar je representatieve indrukken opdoet. Franse wintersportoorden zijn vaak grootschalig ontwikkelde projecten die min of meer afgesloten zijn van de buitenwereld, dus waar lokale monopolisten hun lusten kunnen botvieren.
Maar toch leek het mij, daar net van teruggekomen, dat de Fransen de weg een beetje kwijt zijn. Waar hier freelancers, zzp-ers of netwerknomaden experimenteren met 'lifehacking', 'waardebepaling achteraf' en leuke-dingen-doen-omdat-je-dan-de-meeste-waarde-levert excelleren zij in geld-betalen-vooraf-en-zie-maar-dat-je-ermee-redt en ik-word-betaald-om-mijn-werk-te-doen maar-wat-je-eraan-hebt-is-mijn-zorg-niet.

Zij zijn daar zelf ook niet blij mee. Een prive-mini-survey "Sont ils content, les Francais?" (n ca 3) leidde tot reacties als "Mais non!", "Non, non!" of "Oh non!". (Voor wie dit te moeilijk is: Fransen zijn niet blij.) Je kunt de doffe berusting ook van de gezichten aflezen.
Ze geven de schuld aan de regering. Maar ja die maken ze ook daar zelf.

Ik denk dat ze het zichzelf aandoen. Als iedereen er voortdurend mee bezig is om het zichzelf zo makkelijk mogelijk te maken ten koste van een ander word je zelf ook nooit blij gemaakt.

Ik ga de volgende keer weer naar Oostenrijk en laat Frankrijk voorlopig rechts liggen. Wel jammer want het is een schitterend land.

09 februari 2008

bepaling van waarde

discussie waardebepaling:
Wat je met ‘van donaties leven’ of ‘waardebepaling achteraf’ doet is in feite als aanbieder van je dienst het risico van de transactie op je nemen. En als je het vergelijkt met de praktijk van kermisklanten of (straat)-muzikanten die achteraf met de pet rondgaan, is het niets nieuws.

Als de productie van die diensten feitelijk niets kost is het risico van de transactie ook goed te dragen. Een liedje spelen, een kunstje vertonen of een kopje koffie drinken en met iemand praten en meedenken kost je nagenoeg niets extra. Gekker nog: je wordt er zelf ook wijzer van. Ook net als muzikanten of kermisklanten die ook toch moeten oefenen en trainen.

Het wordt anders als je als aanbieder voorafgaande aan de productie wel degelijk kosten moet maken. Dat was het geval in het industriële tijdperk. Toen is men dus overgegaan tot een vaste prijsstelling vooraf. Gek genoeg stelde men die prijzen vaak vast op basis van de gemaakte kosten in plaats van de waarde van het product. Kosten/waarde van arbeid werd van weeromstuit op de zelfde wijze vastgesteld. Vergeet daarbij niet dat daarvoor ongelooflijk verbeten strijd gevoerd is, ten koste van miljoenen mensenlevens, wereldwijd. Stukloon is daarbij uiteindelijk vervangen door uurloon, hetgeen als een grote verworvenheid werd gezien.

Zo is men dus tijd voor geld gaan ruilen. Het is gewoonte geworden, ook voor sectoren waar het niet noodzakelijk was. Waar men vasthoudt aan gewoonten is men opgehouden met denken. Daarmee is men blind geworden voor betere alternatieven. En dan komt men niet verder.

13 januari 2008

eenheid door verscheidenheid

Samenwerken kan op twee manieren, die wezenlijk van elkaar verschillen. De eerste is die van het bundelen van krachten. De tweede die van bundelen van kennis.

Als iedereen maar zijn eigen kant op trekt of duwt gebeurt er niets. Onze gezamenlijke kracht is dan nul. Voor het bundelen van krachten is het dus handig als die in één richting gebracht worden. Dit is de manier van samenwerken die we van oudsher gewend zijn: "alle neuzen in dezelfde richting laten wijzen". Eenheid door uniformiteit.

Maar voor het bundelen van kennis ligt het anders. Velen weten meer dan één. Behalve als iedereen hetzelfde weet. Iedereen heeft anders namelijk wel een beetje informatie. Als we al die beetjes bij elkaar brengen dan is onze gezamenlijke kennis toegenomen. Eenheid door verscheidenheid.

Zelfs als iedereen zich vergist blijft dat opgaan! Want voor iedere vergissing de ene kant op staat dan wel iemand met een tegengestelde vergissing. Als we die uitmiddelen komt de correcte informatie bovendrijven.
Heel logisch, maar het lijkt wel een wonder.

Er verschuilen zich echter wel een paar addertjes onder het gras.

Ten eerste moet het aantal mensen groot genoeg zijn. Hoe meer des te beter.

Er mag ook geen sprake zijn van onderlinge beïnvloeding. Mensen hebben anders de onhebbelijke neiging om zich te conformeren. Dat verstoort de variatie in de 'vergissingen'. Die middelen dan niet meer goed uit.
Voorts moet onderscheid gemaakt worden tussen meningen en (feiten)-kennis. Of, helderder, tussen 'soll'- en 'ist'-waarden.

'Soll'-waarden (uit het Duits) omschrijven hoe iets zou moeten zijn. Wat men wil dus, een ideaal of wensbeeld. Het gemiddelde van de soll-waarden (meningen) geeft weer 'welke kant de neuzen staan', gemiddeld. Dat zegt iets over de ondervraagden maar niets over de feitelijke toestand.

'Ist'-waarden (ook uit het Duits) beschrijven hoe iets daadwerkelijk is. Ist-waarden (feitenkennis) middelen uit, zoals hier bedoeld, tot verbluffend correcte informatie.

31 december 2007

(zeven)de macht van zeven

Misschien een leuke 'life hack':
Ordenen, sorteren, categoriseren of tegenwoordig 'taggen' of 'labelen', het blijft een problematische kwestie. Want vroeger of later krijgt ieder systeem het karakter van een bos waarin je de bomen niet meer ziet. Wat moeten we daar toch mee?

De gangbare oplossing is: opsplitsen. Als je onder een categorie / label/ tag teveel elementen hebt toegevoegd zijn er altijd wel subcategorieen te vinden waaronder ze verder te ordenen zijn.
Maar je kunt ook te veel subcategorieen hebben. Kortom waar ligt de grens?

Nou, houd het praktisch. Pas het systeem aan aan de menselijke mogelijkheden en beperkingen. In dit verband is het leuk om te weten dat mensen een kortetermijngeheugen hebben waar 7 dingen tegelijk onthouden kunnen worden (gemiddeld). Hoe kunnen we daar nu eens gebruik van maken?

Opsplitsen van een categorie is prima, maar begin er pas mee als deze meer dan 7 elementen bevat. Want daarna begint het onoverzichtelijk te worden.
Dat geldt ook voor de subcategorieen. Laat het systeem zo groeien.

Realiseer je daarbij dat het niet snel overladen zal worden. In 7 subcategorieen van elk 7 elementen kun je erin totaal 49 (dus ongeveer 50) kwijt. Na 7 opsplitsingen zijn dat er 7x7x7x7x7x7x7=823 543, da's bijna 1 miljoen*. En wie heeft er nu 1 000 000 postzegels of iets dergelijks?

Maar omdat de 'weg er naar toe' uit 7 stappen bestaat kunnen we al die miljoen nog steeds vinden, ondanks onze beperkte vermogens.
Als dat geen geheugensteun is...

08 december 2007

jip en janneke

Schrijf je verhaal in Jip en Janneke taal. Maar daar was Annie M.G.Schmidt voor nodig om dat voor elkaar te krijgen. Een hoogtepunt van de Nederlandstalige literatuur die het tot de canon van de Nederlandse geschiedenis geschopt heeft.

26 november 2007

law of requisite variety

Was onlangs bij een congres waar de ene na de andere spreker zijn teleurstelling uitsprak over de onmaakbaarheid van de samenleving. In het groot of in het klein.

Daarover heb ik goed nieuws en slecht nieuws.

Nou ja, nieuws,
in 1957 formuleerde Ross Ashby de 'law of requisite variety'. Daarmee zijn o.m. de grenzen van die maakbaarheid vast te stellen.
De 'law of requisite variety' stelt namelijk grofweg dat naarmate je meer eisen ergens aan stelt (het goede nieuws) er ook meer voor geregeld moet worden (het slechte nieuws).

Check bijvoorbeeld dit eens, of dit (engels).
Niets voor niets dus: 'de wet van behoud van ellende'.
Als je t precies wil weten reageer dan op deze blogpost, dan zal ik zijn uitleg geven.

cradle to cradle en de tweede hoofdwet

Zat vanavond naar Cradle 2 cradle te kijken op de vpro.
Een sympathiek en positief idee. Want het rekent af met het idee dat besparing het milieu kan redden. Dat rekt alleen maar het lijden. Want, vroeger of later, gaat die olie etc uiteindelijk op.
C2c rekent daarmee af, lijkt het...
Maar check ook eens de tweede hoofdwet van de thermodynamica (op Wikipedia maakt men er overigens een rommeltje van). Vrij vertaald en toegepast op 'c2c' houdt die in dat materialen niet eindeloos gerecycled kunnen worden zonder kwaliteitsverlies.
Soms kan kwaliteit weer verkregen worden, bijvoorbeeld staal of aluminium. Maar dat kost altijd energie. Want materialen zijn ook dragers van energie.
Maar aardolie bijvoorbeeld kan alleen maar gedegradeerd worden. Snel, door het te verstoken als brandstof, of langzaam, door het te verwerken tot plastics etc. en die evt. meermalen te recyclen. Maar wel, onvermijdelijk, in steeds laagwaardiger toestand. Vandaar dat 'recyclen' toch een 'cradle-to-grave' pad volgt.
Cradle-to-cradle bestaat wel in ecologische systemen. (Koe eet gras, poept het weer uit, poep wordt mest, uit mest groeit gras. Melk en vlees verdwijnen even uit deze cyclus maar komen er later via een omweg weer in.) Ook hier is sprake van degradatie van de materialen, maar ook van opwerking mbv. energie van de zon.
Willen we de C2C-gedachte serieus uitwerken moeten we van dit soort kringlopen gaan uitdenken. Ook en juist voor niet-natuurlijke materialen.

08 oktober 2007

waarom ga jij naar je werk?

In Groningen aangetroffen
(in fietstunnel van Friese-straatweg naar Vinkhuizen):

...ik heb het niet gedaan!

23 september 2007

Wisdom of crowds; aantekeningen bij het boek van Surowiecky (James)

p10: "... a mathematical truism.
If you ask a large enough group of diverse, independent [more or less informed (GrH)] people to make a prediction or estimate a probability, and then average those estimates, the errors each of them makes in coming up with an answer will cancel themselves out. [nadruk GrH]
Each person's guess [..] has two components: information and error. Subtract the error, and you're left with the information",
mits de 'error' normaal verdeeld is. De geaccumuleerde informatie neemt echter toe:
p11: "With most things, the average is mediocrity. With decision making it's often excellence."

p27: "... the groups job was to decide among already defined choices or to solve a well defined problem. In those cases different members of the group could bring different pieces of information, to bear on a problem but the set of solutions was already, in a sense, determined.

p74: "you can let a thousand flowers bloom and then pick the one that smells the sweetest."

168: "What's intriguing about science from the perspective of collective problem solving is that it is the community as a whole that bestows the recognition, which is to say that it's the community as a whole that decides whether or not a scientific hypothesis is true and whether it's original. This doesn't mean that scientific truth is in the eye of the beholder."

Maar hij plaatst er ook kanttekeningen bij.

176: "And the collective wisdom that something like [a market] produces is, at least when it's working well, the result of many different independent judgments, rather than something that the group as a whole has consciously come up with.
[..]
In a small group, by contrast, the group -even if it is an ad hoc group formed for the sake of a single project or experiment- has an identity of its own. And the influence of the people in the group on each other's judgment is inescapable."

178: "Social scientists who study juries often differentiate between two approaches juries take.
Evidence-based juries usually don't even take a vote until after they've spent some time talking over the case, sifting through the evidence, and explicitly contemplating altemative explanations.
Verdict-based juries, by contrast, see their mission as reaching a decision as quickly and decisively as possible. They take a vote before any discussion, and the debate after that tends to concentrate on getting those who don't agree to agree."

180: "One of the real dangers that small groups face is emphasizing consensus over dissent. The extreme version of this, as we've already seen, is the kind of groupthink that Irving Janis described [..], where the members of the group become so identified with the group that the possibility of dissent seems practically unthinkable."

183: "[It is] shown [that] the presence of a minority viewpoint, all by itself, makes a groups decisions more nuanced and its decision-making process more rigorous. This is true even when the minority viewpoint turns out to be ill conceived. The confrontation with a dissenting view, logically enough, forces the majority to interrogate its its own positions more seriously."

184: "Without the devils advocate, though, it's likely that the group's meetings actually made its judgment about the possible problem worse.
That's because of a phenomenon called "group polarization" [,] a phenomenon that is not well understood [. But] sociologists have documented how, under certain circumstances, deliberation does not moderate but rather radicalizes people's point of 'view .
More recently [it is shown] that [..] discussions tend to move both the group as a whole and the individuals within it toward more extreme positions than the ones they entered the discussion with.
Why does polarization occur? One reason is because of people's reliance on "social comparison." This means more than that people are constantly comparing themselves to everyone else (which, of course, they are)."

---
195: "If coordination is possible through the market, what's the point of having large firms that orchestrate the movements of people and products all over the world? Why do corporations even exist? The fundamental paradox of any corporation is that even though it competes in the marketplace, it uses nonmarket instruments, plans, commands, controls to accomplish its goals."

196: "The problem with the "outsource everything" model [..] was that setting up and monitoring all those different deals and contracts takes a lot of time and effort. These are all [..] called "transaction costs"[..]."

197: "[But] keeping things in-house creates its own problems. Sometimes the advantages of outsourcing the work outweigh the ease of doing it yourself."

205: "The only reason to organize thousands of people to work in a company is that together they can be more productive and more intelligent than they would be apart.
But in order to do that, individuals need to work as hard to get and act upon good information as they would if they were a small businessman competing in the marketplace.
In too many corporations, though, the incentive system was (and is) skewed against dissent and independent analysis."

Inderdaad, soms lijkt het er wel op of alleen top en werkvloer belang bij de realiteit hebben. Dit zijn de partijen wier handelen daarop afgerekend wordt.
De werkvloer, omdat deze end of line staat en geen zwarte piet kan doorschuiven; de top, omdat die afgerekend wordt door de buitenwereld die de organisatie als black box ziet.
De tussenlagen zijn vooral met elkaar bezig, en dan gelden politieke criteria die soms ver af komen te staan van de werkelijkheid.

02 september 2007

functie en taak van de wetenschap

Je zou kunnen zeggen dat de functie van de wetenschap is om allerlei verschijnselen te verklaren. En wel zodanig dat ze begrijpelijk zijn voor mensen. Dus dat ze te bevatten zijn door het menselijk brein. (herhaald)

Nu zou je zeggen dat wetenschap juist heel moeilijk is want je moet er hard en lang voor studeren.
Maar er zijn twee soorten wetenschap.
De eerste is die waar nieuwe kennis wordt ontdekt en ontwikkeld. Dat is moeilijk, ja, en daar zijn knappe koppen voor nodig.

Maar wat daar ontdekt en ontwikkeld siepelt langzaam door tot de "gewone wereld". Ooit was de dynamo bijvoorbeeld hi-tech. Of, nog wat langer geleden, de kettingaandrijving, zoals die nu in elke fiets zit. Of het begrip onderbewustzijn. Of klantgerichtheid. Maar bijna iedereen begrijpt dat nu.

Dit is de wetenschap van de tweede soort. En juist omdat het gemeengoed geworden is staat deze eigelijk zelfs op een hoger niveau.

Voor de meeste verschijnselen zijn vele verklaringen te bedenken. Alles is wel met elkaar in verband te brengen. En het menselijk brein is onvermoeibaar bezig met het leggen van verbanden en het verzinnen van dit soort verklaringen. (Althans mijn brein.) Zo komen allerlei denkbeelden de wereld in: fantasieën, suggesties, veronderstellingen of, als je ze 'toetsbaar' maakt, hypotheses.

De taak van de wetenschap van de eerste soort is om hypotheses te toetsen. Zijn ze in overeenstemming met de werkelijkheid of niet?
Ongetoetst blijven het mythes.

terreuraanslag

(herhaling) De kans dat je door een terreuraanslag getroffen wordt is erg klein. Kleiner dan die om de hoofdprijs in de Postcodeloterij te winnen (en die is in theorie 0,000.000.164 per keer). Er heeft namelijk in Nederland nu meer dan 30 jaar geen terreuraanslag plaatsgevonden, maar de Postcodeloterij heeft elke maand een trekking. En de reikwijdte van zo'n trekking is ongeveer even groot die van een bomaanslag.
Het is, zo bezien, minder verstandig om antiterrorismemaatregelen te nemen dan om alvast een miljoenenjacht te bestellen voor rekening van de winst van de Postcodeloterij van de volgende maand.

wees gelukkig!

Om gelukkig te zijn moet je (redelijk) functioneren.
Maar om tegenwoordig te functioneren moet je gelukkig zijn.

Er is dus een imperatief voor geluk. Anders ben je hopeloos verloren.

self-marketing

Marketing gaat uit van wat-klanten-willen.
Self-marketing gaat daarentegen uit van wat-je-zelf-wil en dat voor je klanten doen.
Klopt dat wel?

22 juli 2007

leugens

Zoek de verschillen:

A lie told often enough becomes the truth.
Lenin
Russian Communist politician & revolutionary (1870 - 1924)

The great enemy of the truth is very often not the lie -- deliberate, contrived and dishonest, but the myth, persistent, persuasive, and unrealistic. Belief in myths allows the comfort of opinion without the discomfort of thought.
John F. Kennedy
35th president of US 1961-1963 (1917 - 1963)

We zijn het eens, zie hier maar eens.

17 juli 2007

kansen en bedreigingen voor ideeën

Een debatje over mensen die ideeen krijgen, die ze verspreiden of die ze afkraken.

Ideeen krijgen we allemaal. Ze zijn niet te controleren. Soms flappen we ze eruit. Dat is de geboorte van het idee in een sociale context.
Een wild idee krijgen is te vergeven. Het risico om het uit te flappen is laag. Bovendien kun je het ook weer inslikken. "Het was maar een idee."

De luisteraar kan het idee overnemen of niet. Of hij kan het afkraken.

Wie een idee afkraakt staan zeer vele argumenten ter beschikking. Er circuleert daarvoor een lijstje van "28 ideakillers". Hzij neemt net zo veel risico als degene die niet in een vliegtuig stapt omdat het wel eens neer kan storten. Heel veilig dus. En een beetje laf.

Maar wie het overneemt en verder uitdraagt is de held. Hzij neemt sociaal gezien een groot risico. Want of een idee goed is kunnen we van te voren niet weten. En succes heeft vele vaders, maar mislukking is een wees.

05 juli 2007

dingen gedaan krijgen

Om dingen gedaan te krijgen moet aan twee voorwaarden voldaan zijn.
De eerste heet creativiteit, de ander kennis&kunde, of als je er diep over nadenkt 'technologie'.

Creativiteit zit in mensen. Ze worden er mee geboren. Kijk maar eens naar spelende kinderen. Maar in de 'opvoeding' wordt het vaak afgeleerd. De kunst is soms om het (weer) aan het werk te krijgen.

Kennis&kunde zit ook in mensen maar is in de loop van de tijd ontwikkeld.
Niet alle kennis&kunde is gelijk, feitelijk heeft iedereen zijn eigen K&K.

Om een specifiek ding gedaan te krijgen is niet alle K&K even bruikbaar. De grote vraag is nu welke dan wel!
Er is zoveel K&K dat het moeilijk is de 'juiste' er uit te kiezen. Dat is de hoofdtaak voor Management. Maar dus ook voor iedereen die iets voor elkaar wil krijgen.

Hoe uit de beschikbare K&K te kiezen? Daarvoor is het antwoord op drie vragen noodzakelijk.
1. Wat wil je? Dat noemen we de 'gewenste toestand'.
2. Waarmee zou je dat kunnen bereiken? Dat noemen we het middel.
3. Hoe moet het middel gebruikt worden om de gewenste toestand te realiseren? Iets als een gebruiksaanwijzing dus.

Dat klinkt erg voor de hand liggend en erg simpel. Maar is dat ook in de praktijk bruikbaar? Ja en nee.
Want meestal ben je er niet door 1x zo'n rondje te maken. Dat moet vaker gebeuren. Feitelijk is het een eindeloos proces.

26 juni 2007

"Occam's of Ockham's razor"

Dit is een stelling die versimpeld luidt (Wikipedia):

"All things being equal, the simplest solution tends to be the best one."

Maar dat wordt al gauw geheel verkeerd geïnterpreteerd!
Het betekent namelijk NIET dat de kortste conclusie de beste is.

Lees het artikel.

Het betekent dat de oplossing die het kleinst aantal vooronderstellingen vereist de 'beste' is.

Het gaat hier over het verklaren van verschijnselen die we allemaal kunnen waarnemen. Of van verschijnselen waar we wat moeite voor moeten doen om ze waar te kunnen nemen.

Je zou kunnen zeggen dat de de wetenschap ertoe dient om die verschijnselen te verklaren. En wel zodanig dat ze begrijpelijk zijn voor mensen. Dus dat ze te bevatten zijn door het menselijk brein.
Dat menselijk brein is tot grote prestaties in staat. Maar toch heeft het zijn beperkingen. De 'beste' verklaring is dus diegene die het meest aangepast is aan die beperkingen en aan de mogelijkheden van het menselijk brein.

(Soms zijn die mogelijkheden klein of de beperkingen groot. Dan kunnen we volstaan met mystiek of met goddelijke verklaringen.)

Occam's razor gaat dan dus eigenlijk niet over de kwaliteit van verklaringen zelf. Want ook ingewikkelde verklaringen komen op het zelfde uit ("all things equal").
Nee, het omgekeerde wordt bedoeld:
Occam's razor is een definitie van wat goede verklaringen zijn. Of een criterium om uit een zee van alternatieven de meest begrijpelijke verklaring te kunnen kiezen.

17 juni 2007

toekomst van wetenschap

Iedereen heeft een binnenwereld en een buitenwereld.

Via de zintuigen staan binnenwereld en buitenwereld met elkaar in contact. Dingen die in de buitenwereld gebeuren hebben dus invloed op de binnenwereld.

In de binnenwereld gebeuren allemaal dingen. Sommige van die dingen vinden we fijn, andere dingen doen juist pijn.
Met ons 'gedrag' proberen we sommige dingen in de buitenwereld te beïvloeden. Want die komen terug via de zintuigen in de binnenwereld. En dan voelen we ons fijner of hebben we minder pijn.

In de buitenwereld gebeuren alle 'echte' dingen. Die staan in meerdere of mindere mate met elkaar in verband.
Het is fijn om te weten hoe die verbanden zijn. Dan kunnen we beter bepalen wat ons 'gedrag' moet zijn. Want dan voelen we ons eerder fijn of minder pijn.

We kunnen nooit zeker weten wat de verbanden in de 'buitenwereld' zijn. Want we kunnen nooit uit de 'binnenwereld' treden. We moeten het uiteindelijk met onze zintuigen doen.
Maar we kunnen wel allerlei verbanden bedenken. Dat doen we dan ook voortdurend. Soms door wilde fantasieën. Soms door goed op te letten wat er in de buitenwereld gebeurt.

Die bedachte verbanden noemen we 'veronderstellingen', in het grieks: 'hypotheses' of 'theorieën'. Iedereen, hoe 'praktisch' ook, zit dus vol met theorie!
Theorieën zijn erg praktisch maar alleen als we weten dat ze werken. Dus als de verbanden die we verzonnen hebben in de buitenwereld ook blijken te gelden.

Daarvoor moeten de 'hypotheses' 'getoetst' worden aan de werkelijkheid. Dat blijkt erg moeilijk te zijn. Onze zintuigen zien niet alles; bovendien kunnen zij gemakkelijk gefopt worden. En om goede conclusies te kunnen trekken moet aan allerlei regels voldaan worden. Maar als dat gebeurd is mogen ze 'wetenschappelijk verantwoord' genoemd worden.
Dat is dan ook de hele taak van de wetenschap: toetsen van hypotheses.

Van oudsher kwamen mensen die hypotheses wilden toetsen bij elkaar. Want het is wel handig om hypotheses over de zelfde verbanden met elkaar te vergelijken. Je hoeft dan niet alles alleen te doen. Bovendien kon men goed in de gaten houden welke andere hypotheses er zijn. En je brengt elkaar op nieuwe ideeën.

De plaatsen waar men bij elkaar kwam noemt met 'universiteiten'.
Iedereen die iets ontdekt had, een nieuwe hypothese had bedacht of getoetst, kon dat dan gemakkelijk rondvertellen.

Zo ontstond een cultuur van discussie die alleen beslecht kon worden door 'peer reviewed' geschriften. Die cultuur heeft honderden jaren tijd gehad om zich te verfijnen zodat er nu 'faculteiten' zijn met 'leerstoelen' voor 'hoogleraren'. En zij schrijven artikelen waarvoor je lang gestudeerd moet hebben om ze te kunnen begrijpen. En zij discussiëren voor een groot deel over onderwerpen die alleen hen zelf interesseert.

Toen was er internet.
Ook daar weten mensen die hypotheses willen toetsen elkaar te vinden. De beperking van plaats is echter vervallen. Dus iedereen in de wereld kan aan de discussies meedoen.
Dit zijn 'communities'.

De conclusies die er getrokken worden zijn weliswaar niet zo precies als die van de gevestigde wetenschap. Maar dat zou ook niet hoeven. Want met weinig 'peers' is de kans dat een fout gevonden wordt klein. Er moet dan dus volgens strenge regels gewerkt worden.
Maar met veel 'peers' is die kans veel groter. Wikipedia, bijvoorbeeld, wordt geschreven en gecorrigeerd door anonieme schrijvers. Het heeft echter een kwaliteit die vergelijkbaar is met die van gevestigde encyclopaedia.

Zo kan de 'wisdom of crowds' zich onbelemmerd verspreiden. Nieuwe inzichten worden gekopiëerd en naar believen toegepast.

Toch gaat er een alarmbelletje rinkelen.
Want niet alleen de wijsheid maar ook de domheid laat zich zo verspreiden. Men kan het tenslotte maar op 1 manier bij het rechte eind hebben en op ∞ manieren fout...

12 juni 2007

handshake distance

De gemiddelde handshake distance wereldwijd is 7, als gemiddeld geldt dat iedereen 25 mensen kent.

Iedereen kent andere mensen, en heeft ze een hand gegeven. Meestal letterlijk, soms figuurlijk.
Het is goed voor te stellen iedereen die elkaar een ooit hand heeft gegeven met elkaar is verbonden. Zo ontstaat een netwerk waarin iedereen met elkaar verbonden is. Soms direct, meestal via een aantal anderen.
Het aantal personen dat zo tussen twee mensen in staat heet de "handshake distance".

Er wordt gezegd dat twee willekeurige mensen gemiddeld een handshake distance hebben van 6 a 7.
Zou dat kunnen? Is dat plausibel, om met Adam en Jamie te spreken? Dat is gemakkelijk uit te rekenen.

De vraag is hetzelfde als de vraag hoeveel mensen een willekeurig persoon gemiddeld kent. Dan gaan we kijken hoevaak we het totaal aantal mensen daar door kunnen delen.

Als dat aantal 25 is dan komen we uit op een handshake distance van 7. Want er zijn ongeveer 6 miljard mensen. En 25*25*25*25*25*25*25=6.103.515.625. Close enough lijkt mij.

Als we 25 vervangen door 42 wordt de handshake distance 6,
bij 90 wordt de handshake distance 5,
bij 278 wordt de handshake distance 4, nog steeds niet schokkend;
bij 1817 wordt de handshake distance 3,
bij 77459 wordt de handshake distance 2, dat wordt onwaarschijnlijk.

Misschien wordt t s tijd om de facebook distance te bepalen?

09 juni 2007

wie is nou de terrorist?

Als terrorist wordt je niet geboren. Terroristen is ook niet groep of groepering. Terrorisme is een strategie.

Terrorisme is een strategie om een doel te bereiken. Je doel te bereiken door andere mensen je wil op te leggen.
Zoiets zou je kunnen doen door het mensen op te dragen, of door het ze te vragen, of om ze ertoe te verleiden. Of door ze angst aan te jagen; en wie dat doet is een terrorist.

Bin Laden is een terrorist, jazeker. En de Hofstadgroep misschien. Van Mohammed B en Folkert van der G is dat niet zo zeker. Hun actie was niet om mensen bang te maken. Dan zouden zij eerst hebben moeten dreigen.

Bush is zo wel een terrorist. Hij heeft het vuurtje van de angst, zo niet aangestoken, dan wel aangejaagd. Nine-eleven kwam hem heel goed uit om de Amerikanen oorlogsrijp te maken. Het was koren op zijn molen om Irak binnen te vallen. Dat was hij altijd al van plan (chk, chk, chk, chk, chk).
Maar daarvoor heeft hij niet het argument gebruikt om het Iraakse volk van een tiran te bevrijden. Of om de democratie naar het Midden-Oosten te brengen.
Dat zouden nobele doelen geweest zijn. Maar daar kreeg hij de Amerikanen niet voor mee, dacht hij. Nee hij heeft speculaties gebruikt over 'weapons of mass destruction' om het volk bang mee te maken.

Hij heeft zich overigens mooi voor het karretje van Bin Laden laten spannen. Die heeft een probleem met zijn geloofsgenoten en was op zoek naar wegen om onrust te stoken. Hoe kun je dat beter doen dan door de grootst militaire macht ter wereld even flink tekeer te laten gaan?

In Nederland zijn sinds 30 (Anno 2017: 40) jaar geen terroristische aanslagen gepleegd. (Afkloppen.) Pim Fortuyn en Theo van Goch zijn weliswaar bruut vermoord maar dat was geen terreur. Toch hebben wij hier ook dagelijks te maken met terrorisme. Dagelijks worden wij doelbewust bang gemaakt, door onze regering.
We hebben zelfs een staatsterrorist, mr.T.H.J.Joustra, aan wie deze schone taak is opgelegd.
We worden bestookt met Postbus 51 en andere reclameboodschappen om toch vooral op te passen. En de media stoken het nog eens flink op. Maar ja, die leven van spektakel.

Het zijn vooral CDA-stokpaardjes die er mee binnengehaald zijn. Zo vond het CDA de identificatieplicht al heel lang een goed idee. En op allerlei fronten zien we dat de privacy en persoonlijke vrijheid wordt ingeperkt.

Terreur is er al zo lang als er angst is. Maar net zo lang is angst een slechte raadgever! Het is beter de zaken nuchter te blijven beschouwen.

De kans dat je door een aanslag getroffen wordt is kleiner dan die om de hoofdprijs in de Postcodeloterij te winnen. Immers de reikwijdte is van vergelijkbare grootte.
Die kans is trouwens erg klein: 0,000.000.164 op 1.

Het is, zo bezien, net zo verstandig om antiterrorismemaatregelen te nemen als om alvast bijvoorbeeld een miljoenenjacht te bestellen voor rekening van de winst van de Postcodeloterij van de volgende maand.

04 juni 2007

schipbreukelingen

Er bestaat een bloedstollend waargebeurd(?) verhaal over een schip dat vergaat voor de kust van Antarctica. De overlevenden zagen geen andere mogelijkheid dan met een sloep koers te zetten naar het eiland South Georgia. Dat is duizenden km (of mijlen) over de ongenaakbare Oceaan. Het zag er dus niet best uit; de kansen waren verwaarloosbaar.
Toch hebben ze het gered.
Wat kan men nu zeggen over zeemanskunst van de opvarenden? Die zal formidabel geweest zijn, maar was het niet een wonder?
Het is maar wat je een wonder noemt. Maar het kan ook goed zijn dat de schipbreukelingen gewoon geluk hebben gehad. In de loop der tijd zijn talloze schepen vergaan waar niemand ooit meer van gehoord heeft. Daarover wordt dus ook geen verhaal verteld. Alleen de wonderbaarlijke verhalen worden verteld.

Pater Houben heilig

Pater Houben is heilig verklaard. Dat verdient hij want heeft hij heeft twee ongeneeslijk zieke mensen beter gemaakt. Een wonder!
Een wonder?
Hoe wonderlijk is dat eigenlijk?
Twee zieke mensen hebben tot hem gebeden, en waarempel. Maar hoeveel mensen zijn beter geworden zonder te bidden? En hoeveel hebben er vergeefs tot hem gebeden, al die jaren?
Pas als we dat weten kunnen we iets zinnigs over de wonderbaarlijkheid zeggen.

26 april 2007

toeval bestaat wel, tenzij...

Van Dale geeft als definitie van 'toeval':
"1 gebeurtenis of omstandigheid die vooraf niet te voorzien, niet te berekenen is geweest => coïncidentie, een samenloop van omstandigheden."

Wie dus denkt dat toeval niet bestaat gaat er van uit dat alles vooraf te voorzien, te berekenen is.
Dit gaat samen met een wereldbeeld dat wel 'deterministisch' genoemd wordt, het geloof (want meer kan het niet zijn) dat alles voorbestemd is.

Dit reduceert ons tot toeschouwer met slechts een illusie van een eigen wil.
Want wat is 'ik' anders dan wat 'ik wil'? Want wat 'ik wil' bepaalt de keuzes die 'ik' maakt.
Maar als wat 'ik wil' door iets anders bepaald wordt, bestaat 'ik' dan nog wel?

Deze redenatie kortgesloten:
als toeval niet bestaat, bestaat 'ik' dan wel?


Maar ik besta (want ik denk), dus is het niet zo dat toeval niet bestaat.
Tenzij natuurlijk dat 'ik' slechts een willoos waarnemer is van een autonome gedachtenstroom...

24 april 2007

Gulden Snede

Hier een debatje over de Gulden Snede. Interessant, niet alleen vanuit wiskundig perspectief, maar ook vanwege de verwondering die het bij mensen oproept.

Iemand zei mij vandaag iets als:
“mensen doen er alles aan om maar niet te hoeven denken”.
Hoor jij daar ook bij? Kom op dan, een beetje brugklaswiskunde kan jij ook wel aan.
En als je doorzet zul je zien dat je een heleboel ‘mysteries’ goed kunt begrijpen en verklaren. En ontdekken dat de schoonheid er niet van verdwijnt, nee mooier wordt nog.
Want “iets is mooi als het is zoals we vinden dat het hoort te zijn”.
En naar mate je meer kunt begrijpen valt er meer op ‘zijn plek’, wordt het mooier dus.

Hier komt ie dan:

Verdeel een rechte lijn in twee stukken met lengte a en b, zodanig dat a/b=b/(a+b), met a+b de lengte van de lijn.
Dit is een getal dat voor elke rechte lijn geldt en wordt ook wel fi genoemd (griekse letter) of de Gulden Snede.
Voor fi geldt dus ook fi = a/b dus a = fi x b (vergelijking 1).
Als a/b = b/(a+b) dan is a x (a+b) = b^2 (= b kwadraat) ofwel
a^2 + ab = b^2.
Vullen we vergelijking 1 hierin in dan blijkt dat
(fi x b)^2 + (fixb)xb = b^2 en omdat overal b^2 staat kunnen we daardoor delen en dan zien we dat
fi^2 + fi = 1 ofwel fi^2 = 1 - fi

Omdat bij fi geldt:
fi^2=1-fi, wordt de machtreeks er van:
fi^3 = fi-fi^2 = fi-(1-fi) = 2fi -1, en
fi^4 = 2fi^2 - fi= 2(1-fi) - fi = 2- 2 fi
enz enz.
Fi komt dus in zijn eigen machtreeks steeds terug.

Dat is opmerkelijk. Maar overal staan gelijktekens dus we hebben in deze redenatie nog geen nieuwe gegevens gebruikt. Het is dus een andere schrijfwijze van de oorspronkelijke vraag; niet eens het gevolg ervan maar precies hetzelfde, en dus niet verwonderlijk.

Fi kan met de abc-formule, bekend van de middelbare school, worden bepaald op (1+ wortel 5)/2 = 0,618…

De machtreeks van fi kan, overigens NET ALS VAN ALLE GETALLEN TUSSEN 0 en 1 als een spiraal worden afgebeeld.


Spiralen (en vertakkingen) komen in de natuur erg vaak voor en omdat fi in zijn eigen machtreeks steeds terugkomt kan mij goed voorstellen dat het TEN GRONDSLAG ligt aan allerlei verschijnselen. Dan is het niet verbazingwekkend als we het overal terugvinden.

Daar doet niets aan af dat het wel mooi is.
Dat blijft het ook als we dit weten. Ik vind het er zelfs mooier van worden.