(origineel)
Marktwerking - een zwaar misbruikt woord. Alsof privatisering hetzelfde is als vrije markt. In Rusland noemen ze die privaten oligarchen. En dat is wat ze zijn - ver van vrije markt.
Het ideaal achter de vrije-markt-gedachte is dat mensen het allemaal zelf wel op kunnen lossen. Dat daar geen autoriteiten voor nodig zijn. Privatisering daarentegen is alleen maar stimulering van de sterkste die toch al wint.
Die sterksten blijven winnen, en de rest dus verliezen. Tot op een breekpunt. Dan stort het hele systeem in en begint het van voor af aan. Recessie, crisis, revolutie, oorlog ... in ieder geval algehele malaise.
Sleutelwoord is niet 'vrije markt' maar 'vrije concurrentie'. Voor een stabiel systeem. Geen partij krijgt de overhand.
Er valt te berekenen wanneer een partij de overhand krijgt. Lanchester deed dat voor legers in oorlog, maar je kunt zijn resultaten ook toepassen op marktpartijen, in strijd om de gunst van de klant.
Het blijkt dat bij een marktaandeel van 26% een partij niet (zomaar) meer door de concurrentie uit te schakelen is.
Marktdominantie is dus eenvoudig te bestrijden door marktaandelen boven -zeg- een kwart af te toppen.
Marktwerking - een zwaar misbruikt woord. Alsof privatisering hetzelfde is als vrije markt. In Rusland noemen ze die privaten oligarchen. En dat is wat ze zijn - ver van vrije markt.
Het ideaal achter de vrije-markt-gedachte is dat mensen het allemaal zelf wel op kunnen lossen. Dat daar geen autoriteiten voor nodig zijn. Privatisering daarentegen is alleen maar stimulering van de sterkste die toch al wint.
Die sterksten blijven winnen, en de rest dus verliezen. Tot op een breekpunt. Dan stort het hele systeem in en begint het van voor af aan. Recessie, crisis, revolutie, oorlog ... in ieder geval algehele malaise.
Sleutelwoord is niet 'vrije markt' maar 'vrije concurrentie'. Voor een stabiel systeem. Geen partij krijgt de overhand.
Er valt te berekenen wanneer een partij de overhand krijgt. Lanchester deed dat voor legers in oorlog, maar je kunt zijn resultaten ook toepassen op marktpartijen, in strijd om de gunst van de klant.
Het blijkt dat bij een marktaandeel van 26% een partij niet (zomaar) meer door de concurrentie uit te schakelen is.
Marktdominantie is dus eenvoudig te bestrijden door marktaandelen boven -zeg- een kwart af te toppen.






Het probleem met geld ligt niet zozeer aan het geld zelf, abstract of niet, maar wat het met mensen doet. Of eigenlijk wat mensen er mee doen, want feitelijk bestaat geld niet. Het is een gedeeld denkbeeld, net als spoken, draken en goden dat zijn.
Doordat iedereen in geld gelooft werkt het. En het is als hulpmiddel enorm succesvol.
Geld staat zelfs zo centraal in onze perceptie dat we het als een doel op zich zijn gaan zien.
Een goede baan, bijvoorbeeld, is er één die goed betaalt. Dat is waar we onze kinderen klaar voor stomen gedurende heel de jeugd. Waarmee heel wat levens in een ongewenste richting zijn geforceerd. (Niet dat van mij, overigens.)
Maar geld blijft een middel, geen doel. Dat is waar het fout is gegaan.
We zijn vergeten dat geld staat voor -ooit- geleverde waarde. Niet in de zin van prijs, maar als de bevrediging van een behoefte van iemand.
De transactie is grotendeels hetzelfde maar de sfeer wordt er mee verziekt.
Als producenten zijn we onze klanten als prooidieren gaan zien; als consumenten zijn we daarom op onze hoede voor die producenten. In plaats van ze als redders te zien die onze noden komen lenigen. De mooipraterij in de marketing maakt het er alleen maar erger op.
Resultaat: wantrouwen, cynisme en achterdocht.
Het is wel overal zo en het is altijd zo geweest, maar moet dat nou per se zo? Is dat nou samen-leven?
Diep in de menselijke natuur zit verankerd wat wel de ‘emotionele boekhouding’ genoemd zou kunnen worden. Het zit zelfs al bij aapjes. Je zou het ook de ‘sociale boekhouding’ kunnen noemen. (Vreemd genoeg heeft alleen de ‘financiële’ boekhouding geen bijvoeglijk naamwoord nodig. Een teken dat we van onze natuur vervreemd zijn?)
In onze ingebouwde ‘emotionele’ of ‘sociale’ boekhouding houden we allemaal bij wat iemand voor ons betekend heeft. En net als in de ‘financiële’ boekhouding weet je van iedereen of je er nog iets van te verwachten hebt of juist dat er nog iets van jou verlangd wordt, maar dan intuïtief. Op basis van uitgewisselde WAARDE, subjectief.
We weten het wel maar kunnen het niet kwantificeren, en zeker niet met een nauwkeurigheid van eurocenten.
Hoe zou t zijn als we dit aangeboren systeem nieuw leven konden inblazen. Naast geld, in te bouwen in het geldsysteem, of in plaats er van?
Vanouds bestaat het natuurlijk gewoon. En met sociale media zouden we t kunnen versterken. En hoe zorgen we ervoor dat de overheersende rol van de ‘financiële’ boekhouding teruggedrongen wordt?