Zat zo'n uitvinder soms jaren op zijn zolder, fietsenschuurtje of laboratorium hèt idee uit te werken waarmee de mensheid weer een stap vooruitgang kon maken, werd dat in een mum van tijd gekopieerd. Types met een ander soort handigheid gingen er met de poet vandoor. Straffeloos. Dat doe je dus geen tweede keer, en velen zouden er niet eens aan beginnen.
Dat was een probleem:
we hebben uitvinders nodig maar uitvinders zijn bijzonder kwetsbaar.
De oplossing die bedacht werd: we geven -als overheid- de uitvinder het alleenrecht om zijn uitvinding te exploiteren, althans voor een tijdje. Het octrooi.
Er kwamen wetgeving, octrooibureaux, Europese en wereld-harmonisatie en heden ten dage zijn "ruim 100 miljoen octrooipublicaties uit meer dan 90 landen" te raadplegen (espacenet.com).
Een succesverhaal, toch?
Nou, de kwetsbare uitvinder staat dan misschien wel in zijn recht maar vooral nog steeds in de kou. Want zie maar eens je recht te halen.
Erger nog, octrooien worden strategisch ingezet ten dienste van eigenbelang. Niet altijd in overeenstemming met het algemeen belang.
Voorbeelden te over:
- aidsmedicijnen alleen tegen woekerprijzen verkopen vooral in arme landen;
- onwetende boeren aanklagen waarvan je de gewassen hebt laten bevruchten met jouw rondwaaiend geoctrooieerd stuifmeel;
- toepassing van milieubeschermende technieken saboteren door de octrooien erop te verwerven;
- ...
Misschien te begrijpen en zeker te verklaren. Maar niet de oorspronkelijke bedoeling.
Het octrooisysteem moet om, het moet anders.
Kan het ook anders?
Mijn voorstel:
Wie een octrooiaanvraag indient ruilt zijn ip, 'intellectueel eigendom', in bij de (bij voorkeur democratisch gecontroleerde) instantie tegen de -exclusieve- vergunning dat te exploiteren.
Het systeem is geperverteerd.
Het octrooisysteem moet om, het moet anders.
Kan het ook anders?
Mijn voorstel:
maak een octrooi geen recht maar een vergunning.
Wie een octrooiaanvraag indient ruilt zijn ip, 'intellectueel eigendom', in bij de (bij voorkeur democratisch gecontroleerde) instantie tegen de -exclusieve- vergunning dat te exploiteren.
Derden die inbreuk maken krijgen direct te maken met de machtige overheid in plaats van met een kwetsbare uitvinder.
De uitvinder is dus beschermd, en beter.
Maar de vergunning wordt verleend op voorwaarden, waarbij algemeen belang voor eigenbelang gaat.






Het probleem met geld ligt niet zozeer aan het geld zelf, abstract of niet, maar wat het met mensen doet. Of eigenlijk wat mensen er mee doen, want feitelijk bestaat geld niet. Het is een gedeeld denkbeeld, net als spoken, draken en goden dat zijn.
Doordat iedereen in geld gelooft werkt het. En het is als hulpmiddel enorm succesvol.
Geld staat zelfs zo centraal in onze perceptie dat we het als een doel op zich zijn gaan zien.
Een goede baan, bijvoorbeeld, is er één die goed betaalt. Dat is waar we onze kinderen klaar voor stomen gedurende heel de jeugd. Waarmee heel wat levens in een ongewenste richting zijn geforceerd. (Niet dat van mij, overigens.)
Maar geld blijft een middel, geen doel. Dat is waar het fout is gegaan.
We zijn vergeten dat geld staat voor -ooit- geleverde waarde. Niet in de zin van prijs, maar als de bevrediging van een behoefte van iemand.
De transactie is grotendeels hetzelfde maar de sfeer wordt er mee verziekt.
Als producenten zijn we onze klanten als prooidieren gaan zien; als consumenten zijn we daarom op onze hoede voor die producenten. In plaats van ze als redders te zien die onze noden komen lenigen. De mooipraterij in de marketing maakt het er alleen maar erger op.
Resultaat: wantrouwen, cynisme en achterdocht.
Het is wel overal zo en het is altijd zo geweest, maar moet dat nou per se zo? Is dat nou samen-leven?
Diep in de menselijke natuur zit verankerd wat wel de ‘emotionele boekhouding’ genoemd zou kunnen worden. Het zit zelfs al bij aapjes. Je zou het ook de ‘sociale boekhouding’ kunnen noemen. (Vreemd genoeg heeft alleen de ‘financiële’ boekhouding geen bijvoeglijk naamwoord nodig. Een teken dat we van onze natuur vervreemd zijn?)
In onze ingebouwde ‘emotionele’ of ‘sociale’ boekhouding houden we allemaal bij wat iemand voor ons betekend heeft. En net als in de ‘financiële’ boekhouding weet je van iedereen of je er nog iets van te verwachten hebt of juist dat er nog iets van jou verlangd wordt, maar dan intuïtief. Op basis van uitgewisselde WAARDE, subjectief.
We weten het wel maar kunnen het niet kwantificeren, en zeker niet met een nauwkeurigheid van eurocenten.
Hoe zou t zijn als we dit aangeboren systeem nieuw leven konden inblazen. Naast geld, in te bouwen in het geldsysteem, of in plaats er van?
Vanouds bestaat het natuurlijk gewoon. En met sociale media zouden we t kunnen versterken. En hoe zorgen we ervoor dat de overheersende rol van de ‘financiële’ boekhouding teruggedrongen wordt?