26 juni 2007

"Occam's of Ockham's razor"

Dit is een stelling die versimpeld luidt (Wikipedia):

"All things being equal, the simplest solution tends to be the best one."

Maar dat wordt al gauw geheel verkeerd geïnterpreteerd!
Het betekent namelijk NIET dat de kortste conclusie de beste is.

Lees het artikel.

Het betekent dat de oplossing die het kleinst aantal vooronderstellingen vereist de 'beste' is.

Het gaat hier over het verklaren van verschijnselen die we allemaal kunnen waarnemen. Of van verschijnselen waar we wat moeite voor moeten doen om ze waar te kunnen nemen.

Je zou kunnen zeggen dat de de wetenschap ertoe dient om die verschijnselen te verklaren. En wel zodanig dat ze begrijpelijk zijn voor mensen. Dus dat ze te bevatten zijn door het menselijk brein.
Dat menselijk brein is tot grote prestaties in staat. Maar toch heeft het zijn beperkingen. De 'beste' verklaring is dus diegene die het meest aangepast is aan die beperkingen en aan de mogelijkheden van het menselijk brein.

(Soms zijn die mogelijkheden klein of de beperkingen groot. Dan kunnen we volstaan met mystiek of met goddelijke verklaringen.)

Occam's razor gaat dan dus eigenlijk niet over de kwaliteit van verklaringen zelf. Want ook ingewikkelde verklaringen komen op het zelfde uit ("all things equal").
Nee, het omgekeerde wordt bedoeld:
Occam's razor is een definitie van wat goede verklaringen zijn. Of een criterium om uit een zee van alternatieven de meest begrijpelijke verklaring te kunnen kiezen.

17 juni 2007

toekomst van wetenschap

Iedereen heeft een binnenwereld en een buitenwereld.

Via de zintuigen staan binnenwereld en buitenwereld met elkaar in contact. Dingen die in de buitenwereld gebeuren hebben dus invloed op de binnenwereld.

In de binnenwereld gebeuren allemaal dingen. Sommige van die dingen vinden we fijn, andere dingen doen juist pijn.
Met ons 'gedrag' proberen we sommige dingen in de buitenwereld te beïvloeden. Want die komen terug via de zintuigen in de binnenwereld. En dan voelen we ons fijner of hebben we minder pijn.

In de buitenwereld gebeuren alle 'echte' dingen. Die staan in meerdere of mindere mate met elkaar in verband.
Het is fijn om te weten hoe die verbanden zijn. Dan kunnen we beter bepalen wat ons 'gedrag' moet zijn. Want dan voelen we ons eerder fijn of minder pijn.

We kunnen nooit zeker weten wat de verbanden in de 'buitenwereld' zijn. Want we kunnen nooit uit de 'binnenwereld' treden. We moeten het uiteindelijk met onze zintuigen doen.
Maar we kunnen wel allerlei verbanden bedenken. Dat doen we dan ook voortdurend. Soms door wilde fantasieën. Soms door goed op te letten wat er in de buitenwereld gebeurt.

Die bedachte verbanden noemen we 'veronderstellingen', in het grieks: 'hypotheses' of 'theorieën'. Iedereen, hoe 'praktisch' ook, zit dus vol met theorie!
Theorieën zijn erg praktisch maar alleen als we weten dat ze werken. Dus als de verbanden die we verzonnen hebben in de buitenwereld ook blijken te gelden.

Daarvoor moeten de 'hypotheses' 'getoetst' worden aan de werkelijkheid. Dat blijkt erg moeilijk te zijn. Onze zintuigen zien niet alles; bovendien kunnen zij gemakkelijk gefopt worden. En om goede conclusies te kunnen trekken moet aan allerlei regels voldaan worden. Maar als dat gebeurd is mogen ze 'wetenschappelijk verantwoord' genoemd worden.
Dat is dan ook de hele taak van de wetenschap: toetsen van hypotheses.

Van oudsher kwamen mensen die hypotheses wilden toetsen bij elkaar. Want het is wel handig om hypotheses over de zelfde verbanden met elkaar te vergelijken. Je hoeft dan niet alles alleen te doen. Bovendien kon men goed in de gaten houden welke andere hypotheses er zijn. En je brengt elkaar op nieuwe ideeën.

De plaatsen waar men bij elkaar kwam noemt met 'universiteiten'.
Iedereen die iets ontdekt had, een nieuwe hypothese had bedacht of getoetst, kon dat dan gemakkelijk rondvertellen.

Zo ontstond een cultuur van discussie die alleen beslecht kon worden door 'peer reviewed' geschriften. Die cultuur heeft honderden jaren tijd gehad om zich te verfijnen zodat er nu 'faculteiten' zijn met 'leerstoelen' voor 'hoogleraren'. En zij schrijven artikelen waarvoor je lang gestudeerd moet hebben om ze te kunnen begrijpen. En zij discussiëren voor een groot deel over onderwerpen die alleen hen zelf interesseert.

Toen was er internet.
Ook daar weten mensen die hypotheses willen toetsen elkaar te vinden. De beperking van plaats is echter vervallen. Dus iedereen in de wereld kan aan de discussies meedoen.
Dit zijn 'communities'.

De conclusies die er getrokken worden zijn weliswaar niet zo precies als die van de gevestigde wetenschap. Maar dat zou ook niet hoeven. Want met weinig 'peers' is de kans dat een fout gevonden wordt klein. Er moet dan dus volgens strenge regels gewerkt worden.
Maar met veel 'peers' is die kans veel groter. Wikipedia, bijvoorbeeld, wordt geschreven en gecorrigeerd door anonieme schrijvers. Het heeft echter een kwaliteit die vergelijkbaar is met die van gevestigde encyclopaedia.

Zo kan de 'wisdom of crowds' zich onbelemmerd verspreiden. Nieuwe inzichten worden gekopiëerd en naar believen toegepast.

Toch gaat er een alarmbelletje rinkelen.
Want niet alleen de wijsheid maar ook de domheid laat zich zo verspreiden. Men kan het tenslotte maar op 1 manier bij het rechte eind hebben en op ∞ manieren fout...

12 juni 2007

handshake distance

De gemiddelde handshake distance wereldwijd is 7, als gemiddeld geldt dat iedereen 25 mensen kent.

Iedereen kent andere mensen, en heeft ze een hand gegeven. Meestal letterlijk, soms figuurlijk.
Het is goed voor te stellen iedereen die elkaar een ooit hand heeft gegeven met elkaar is verbonden. Zo ontstaat een netwerk waarin iedereen met elkaar verbonden is. Soms direct, meestal via een aantal anderen.
Het aantal personen dat zo tussen twee mensen in staat heet de "handshake distance".

Er wordt gezegd dat twee willekeurige mensen gemiddeld een handshake distance hebben van 6 a 7.
Zou dat kunnen? Is dat plausibel, om met Adam en Jamie te spreken? Dat is gemakkelijk uit te rekenen.

De vraag is hetzelfde als de vraag hoeveel mensen een willekeurig persoon gemiddeld kent. Dan gaan we kijken hoevaak we het totaal aantal mensen daar door kunnen delen.

Als dat aantal 25 is dan komen we uit op een handshake distance van 7. Want er zijn ongeveer 6 miljard mensen. En 25*25*25*25*25*25*25=6.103.515.625. Close enough lijkt mij.

Als we 25 vervangen door 42 wordt de handshake distance 6,
bij 90 wordt de handshake distance 5,
bij 278 wordt de handshake distance 4, nog steeds niet schokkend;
bij 1817 wordt de handshake distance 3,
bij 77459 wordt de handshake distance 2, dat wordt onwaarschijnlijk.

09 juni 2007

wie is nou de terrorist?

Als terrorist wordt je niet geboren. Terroristen is ook niet groep of groepering. Terrorisme is een strategie.

Terrorisme is een strategie om een doel te bereiken. Je doel te bereiken door andere mensen je wil op te leggen.
Zoiets zou je kunnen doen door het mensen op te dragen, of door het ze te vragen, of om ze ertoe te verleiden. Of door ze angst aan te jagen; en wie dat doet is een terrorist.

Bin Laden is een terrorist, jazeker. En de Hofstadgroep misschien. Van Mohammed B en Folkert van der G is dat niet zo zeker. Hun actie was niet om mensen bang te maken. Dan zouden zij eerst hebben moeten dreigen.

Bush is zo wel een terrorist. Hij heeft het vuurtje van de angst, zo niet aangestoken, dan wel aangejaagd. Nine-eleven kwam hem heel goed uit om de Amerikanen oorlogsrijp te maken. Het was koren op zijn molen om Irak binnen te vallen. Dat was hij altijd al van plan (chk, chk, chk, chk, chk).
Maar daarvoor heeft hij niet het argument gebruikt om het Iraakse volk van een tiran te bevrijden. Of om de democratie naar het Midden-Oosten te brengen.
Dat zouden nobele doelen geweest zijn. Maar daar kreeg hij de Amerikanen niet voor mee, dacht hij. Nee hij heeft speculaties gebruikt over 'weapons of mass destruction' om het volk bang mee te maken.

Hij heeft zich overigens mooi voor het karretje van Bin Laden laten spannen. Die heeft een probleem met zijn geloofsgenoten en was op zoek naar wegen om onrust te stoken. Hoe kun je dat beter doen dan door de grootst militaire macht ter wereld even flink tekeer te laten gaan?

In Nederland zijn sinds 30 jaar geen terroristische aanslagen gepleegd. (Afkloppen.) Pim Fortuyn en Theo van Goch zijn bruut vermoord maar dat was geen terreur. Toch hebben wij hier ook dagelijks te maken met terrorisme. Dagelijks worden wij doelbewust bang gemaakt, door onze regering.
We hebben zelfs een staatsterrorist, mr.T.H.J.Joustra, aan wie deze schone taak is opgelegd.
We worden bestookt met Postbus 51 en andere reclameboodschappen om toch vooral op te passen. En de media stoken het nog eens flink op. Maar ja, die leven van spektakel.

Het zijn vooral CDA-stokpaardjes die er mee binnengehaald zijn. Zo vond het CDA de identificatieplicht al heel lang een goed idee. En op allerlei fronten zien we dat de privacy en persoonlijke vrijheid wordt ingeperkt.

Terreur is er al zo lang als er angst is. Maar net zo lang is angst een slechte raadgever! Het is beter de zaken nuchter te blijven beschouwen.

De kans dat je door een aanslag getroffen wordt is kleiner dan die om de hoofdprijs in de Postcodeloterij te winnen. Want de reikwijdte is van vergelijkbare grootte.

Die kans is trouwens erg klein: 0,000.000.164 op 1. Het is, zo bezien, net zo verstandig om antiterrorismemaatregelen te nemen als om alvast bijvoorbeeld een miljoenenjacht te bestellen voor rekening van de winst van de Postcodeloterij van de volgende maand.

04 juni 2007

schipbreukelingen

Er bestaat een bloedstollend waargebeurd(?) verhaal over een schip dat vergaat voor de kust van Antarctica. De overlevenden zagen geen andere mogelijkheid dan met een sloep koers te zetten naar het eiland South Georgia. Dat is duizenden km (of mijlen) over de ongenaakbare Oceaan. Het zag er dus niet best uit; de kansen waren verwaarloosbaar.
Toch hebben ze het gered.
Wat kan men nu zeggen over zeemanskunst van de opvarenden? Die zal formidabel geweest zijn, maar was het niet een wonder?
Het is maar wat je een wonder noemt. Maar het kan ook goed zijn dat de schipbreukelingen gewoon geluk hebben gehad. In de loop der tijd zijn talloze schepen vergaan waar niemand ooit meer van gehoord heeft. Daarover wordt dus ook geen verhaal verteld. Alleen de wonderbaarlijke verhalen worden verteld.

Pater Houben heilig

Pater Houben is heilig verklaard. Dat verdient hij want heeft hij heeft twee ongeneeslijk zieke mensen beter gemaakt. Een wonder!
Een wonder?
Hoe wonderlijk is dat eigenlijk?
Twee zieke mensen hebben tot hem gebeden, en waarempel. Maar hoeveel mensen zijn beter geworden zonder te bidden? En hoeveel hebben er vergeefs tot hem gebeden, al die jaren?
Pas als we dat weten kunnen we iets zinnigs over de wonderbaarlijkheid zeggen.